De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 8

Thema van het jaar

Infarkt (Czech Boardgames)

Het klinkt gezien de titel van deze award wat contradictorisch maar als u zich over het thema heen kunt zetten, namelijk doodgaan omwille van het chronisch falen van uw kathedraal van een lichaam, wordt u hier echt wel verwend.

Het enige wat u hier moet doen is gewoon blijven leven. Tot het bittere einde. Dat bittere einde dient zich hier aan als er nog slechts één speler min of meer overeind staat en enige waarneembare activiteit in zijn vitale functies vertoont.

Het managen van uw lichaam doet u hier. En onrechtstreeks ook dat van anderen. U kunt uw tegenspelers immers uitnodigen op wilde braspartijen bij u thuis en hen daar met allerhande fysieke ongemakken opzadelen. Of ervoor zorgen dat ze bij de gebeurtenisfase net die heel ongezonde kaart op hand moeten nemen.

Dit ligt lang niet iedereen en ik kan mij voorstellen dat bij bepaalde mensen dit thema heel gevoelig ligt. Wij hebben zo allemaal onze geschiedenis nietwaar? Hoedje af voor Czech Boardgames dat ze dit risicootje hebben durven nemen.

Volgens mij is dit ook educatief verantwoord spelmateriaal in het kader van gezondheidsopvoeding, een vormingsproces dat vaak gekenmerkt wordt door een gigantische saaiheid. Duw jongeren echter dit onder de neus en ik garandeer u dat ze al spelend zullen gaan nadenken over een meer gezonde levenswijze. Een levenswijze die op haar beurt ook weer enige saaiheid in zich draagt, maar dit ter zijde.

Meer dan degelijk materiaal, taalonafhankelijk en verpakt in een doos met een eens niet alledaagse vorm. Stapelpuristen gaan vloeken als ze dit esthetisch verantwoord in hun spellenkast willen krijgen. Ach, ze weten op dat moment nog niet dat dit spel zich meer uit dan in hun kast zal bevinden.

Dat zegt veel meer over dit spel dan over hun kast.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 7

Egotripper van het jaar

K.M. uit R., brandweerman.

Slaagde erin een quasi zekere perfecte eindscore van Flash Point: Fire Rescue (gemiddeld niveau) deskundig om zeep te helpen. Hij deed dat – het moet ook gezegd, na fantastisch bluswerk vanuit de brandweerwagen – toen hij de tijd rijp vond ook eens het brandend pand binnen te dringen om het laatste slachtoffer eigenhandig te gaan ontzetten. Dat laatste slachtoffer, beste medespeler, was een kat.

Het feit dat op dat moment het gros van de plaatselijke en landelijke pers aan de overzijde van de straat had postgevat was mogelijk aan deze actie niet vreemd.

Aangezien de dichtstbijzijnde deur door een vuurzee van hier tot ginder was geblokkeerd bestond betrokkene erin met zijn bijl een gat in de muur te hakken waardoor twee van de vier resterende zwarte blokjes op het spelbord kwamen te liggen. Betrokkene uitte tijdens deze actie de volgende legendarische woorden: “Chop chop!”

Enige toelichting: zwarte blokjes, beste medespeler, moeten in Flash Point: Fire Rescue intensief in het oog worden gehouden. Komen ze allemaal op het bord te liggen stort het brandende pand immers met veel geraas in. Het managen van die ondingen vraagt uiterste concentratie en voorturend overleg. Egotrippend met bijlen inhakken op muren is, zeker in de eindfase van het spel, absolutely not done.

U voelt de bui al hangen.

Een beurt later werd er een ontploffing gedobbeld en kwamen de twee laatste zwarte blokjes op het bord te liggen. Gevolg: game over en vier doden, waaronder de kat. Ik bevond mij op dat moment gelukkig, samen met een aantrekkelijk vrouwelijk corpslid, in de ziekenwagen.

Weg perfecte eindscore.

Hoe de man in kwestie dit debacle ooit nog kan goedmaken is op dit moment het onderwerp van zwaar debat binnen mijn reguliere spelvriendengroep. Dat debat wordt gevoerd mits intensief telefoonverkeer, facebookoverleg, mails, twitter, deurwaardersexploten, telegrams, post-its, sms-berichten en reguliere en aangetekende briefwisseling.

Maar dat hij in 2012 aan de bak moet, dat staat vast.

Chop Chop!

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 6

Druppel van het jaar

De actiekaart “Regen” van Eruption (Stratus Games).

Wie Eruption, een bordspel over het abrupt ontwaken van een vulkaan op een klein tropisch eiland, al eens heeft gespeeld zal het beamen: de regenkaarten zijn de kaarten waarvoor u moet gaan.

Als u ze uitspeelt doet u per kaart de temperatuur van uw dorpje, waarvan u de wel heel erg onfortuinlijke burgemeester bent, met 30 graden dalen. Als u wilt voorkomen dat uw dorpje helemaal de lucht in vliegt doet u er best aan deze druppels op hand te houden, liefst tot in het eindspel, om ze ten gepaste tijde met een brede glimlach op tafel te leggen.

Al is de kans groot dat het lachen u lang voor deze handeling is vergaan en dat u met een bittere grimas dat eindspel ingaat.

Want het hamsteren van regendruppels zadelt u op met een levensgroot probleem. Uw tegenspelers – hoe dikwijls hebt u hun oplettendheid al niet vervloekt – gaan het namelijk erg verdacht vinden dat u zo weinig actiekaarten uitspeelt tijdens uw beurt en zullen daarop anticiperen. Dat betekent dat zij zich allemaal tegen u gaan keren. En dat betekent ook dat u zich als een bezetene op het bouwen van verdedigingsmuren tegen de oprukkende lava moet gaan storten. Verdedigingsmuren, beste medespeler, bestaan in dit spel uit – ga er even voor zitten – stro, hout en steen. Hou vooral bij de eerste twee hun verhouding tot vuur in gedachten. Om muren te bouwen hebt u trouwens ook actiekaarten nodig. Hebt u’m?

Eruption is een fantastisch leuk, agressief familiespel. De regendruppels die u daar wanhopig in uw handje probeert op te sparen werken deze agressie alleen maar in de hand. En garanderen u geenszins de overwinning.

Het is maar dat u het weet.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 5

Misleider van het jaar

Perfect Stride (Funleage Inc.)

Een wolf in schapenvacht is dit. Dient zich visueel aan als een kaartspelvariant van “Tiny op de Boerderij” met als gevolg dat u het lacherig zult benaderen, om een half uurtje later stijf van de stress en verwondering “wow” te stamelen.

In dit kaartspel probeert u in een bosrijke omgeving een paardenrace te winnen, al is het lang niet zeker dat u wint als u als eerste over de eindmeet galoppeert. Neen, het belangrijkste is dat u onderweg de meeste hindernissen als eerste neemt. U wordt daarbij dwarsgezeten door uw tegenspelers, uw paard en moeder natuur in hoogsteigen persoon. Hulpmiddelen worden er gelukkig ook aangereikt, zoals bijvoorbeeld een zadel dat perfect naar uw eigenste bips werd gemoduleerd of speciale voedingssupplementen waarmee het uithoudingsvermogen van uw horsie ongekende hoogten bereikt. De spelersvolgorde is in dit spel heel belangrijk, temeer daar u uw geselecteerde snelheidskaart aan uw linkerbuurman moet doorgeven. Die snelheidskaarten bepalen immers wie eerst mag.

Van Canadese makelij, met heel veel liefde en oog voor detail geproduceerd en naar beneden moduleerbaar zodat ook de jongere spelertjes onder ons aan hun trekken kunnen komen.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 4

Avontuur van het jaar

Venture Forth (Minion Games)

Avonturenspellen: het blijft een kunstvorm op zich, maar bij elk spel dat ik tot nu toe speelde wrong er altijd wel iets.

Edoch: eindelijk is er een slimmerik opgestaan die dat gedoe van avonturieren en alles wat daar zoal bij komt kijken in een juiste spelvorm heeft gegoten. Dan Manfredini is de naam en hij heeft een avonturenspel ontwikkeld zonder dobbelstenen en verder helemaal op zijn euro’s. En dat werkt wonderwel.

Venture Forth, gesitueerd in een Oud-Grieks mythologische setting, speelt heerlijk en aan een lekker tempo weg – door de elegante, snelle beurtwisselingen bent u op een dik uurtje klaar – waarbij u tot uw genoegen vaststelt dat alles wat een avonturenspel leuk maakt lekker werd aangedikt en al de rest bij het huisvuil gezet. Wilt u extra variatie, iets wat ik me gezien de hoeveelheid materiaal in de doos moeilijk kan voorstellen, kunt u ook nog eens op het dubbelzijdige spelbord aan de slag.

Heel overzichtelijk – in één oogopslag ziet u wat er aan de hand is op het spelbord – en tijdens het afhandelen van queesten wordt u voortdurend voor de keuze gesteld tussen het opwaarderen van uw karakters en het innen van overwinningspunten. Om dit laatste gaat het hier: overwinningspunten. Ook al helemaal euro. Bovendien kunt u bij momenten uw tegenspelers lekker dwars zitten. Dit avontuur is trouwens ook heel goed speelbaar met z’n tweeën.

Daarbovenop introduceert dit spel een erg interessant houten blokje: het wanhoopsblokje. Waar dat voor staat moet u zelf maar ondervinden.

Tenslotte ziet het er allemaal prachtig en functioneel uit en bleek de Spiel-promokaart “Pandora’s Jar”, dat als glijmiddel voor de aanschaf moest dienen, achteraf een hele leuke toevoeging.

Als u wil avonturieren zoals het eigenlijk moet raad ik u aan vanaf nu nog slechts één adres te frequenteren: Venture Forth.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 3

Het fantastisch spel waarvoor u geen medespelers gaat vinden van het jaar

Mage Knight Board Game (WizKids)

Laat er geen twijfel over bestaan, beste medespeler: Mage Knight Board Game is een fantastisch (duur) spel, met prachtig materiaal, innovatieve spelmechanismen en een herspeelbaarheidsfactor van heb ik je daar.

Maar het gaat uw speeltafel amper halen.

Daar zijn enkele goede redenen voor. Ten eerste is er de complexiteit, met de daaraan verbonden wetmatigheid dat u het spel gegarandeerd verkeerd gaat spelen. Ten tweede is er de standaard lange speelduur en ten derde wordt die lange speelduur nog eens extra opgetrokken door het feit dat uw medespelers, zeker naar het speleinde toe, zeeën van tijd gaan nodig hebben om hun beurt te optimaliseren. En ik bedoel écht zeeën van tijd: een standaardsessie met z’n vieren op een open map gaat u – en dan rond ik nog af naar beneden – minstens een zestal uurtjes kosten, spelregeluitleg niet inbegrepen.

Kortom, zij die met u willen aanschuiven moeten er dan ook echt voor willen gaan. En of ze na die eerste sessie nog steeds willen gaan is zeer de vraag.

Gelukkig is Mage Knight Board Game ook solo speelbaar en ik vermoed dan ook dat deze variant het meest de speeltafel gaat halen.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 2

Meest verantwoorde geldklopperij van het jaar

Lord of the Rings: The Card Game (Fantasy Flight Games)

Verschrikkelijk vind ik het, al die uitbreidingen. Wanneer, beste medespeler, voegen ze iets wezenlijks toe aan een spel?

Er zijn gelukkig uitzonderingen, zoals uit een van de volgende awards zal blijken, maar door de band is het toch een beetje huilen met de pet op.

Bij Lord of The Rings: The Card Game ligt het iets anders. U moet immers queste na queste vervullen, niet bepaald uitstapjes naar het park, en die krijgt u samen met steeds meer nieuwe helden, helpers, hulpmiddelen, wapens en magie toegeleverd. Die toelevering gebeurt a ratio van één keer per maand.

U moet prospectie doen voor u aan een opdracht begint en op basis daarvan de meest aangewezen deck samenstellen. En, geloof het of niet, af en toe een liedje zingen.

Normaal gezien doe ik het niet graag, decks samenstellen voor het eigenlijke spel begint, maar hier ga ik er echt wel voor zitten. Wat betekent dat The Lord of The Rings: The Card Game ook de award ‘Voorspel van het Jaar’ in de wacht sleept.

Aan de einder zijn reeds de contouren van de deluxe Khazad-Dûm Expansion zichtbaar. Regelmatige passanten in Midden-Aarde weten wat dat betekent.

Dominique

 

De “De Tafel Plakt!” Awards 2011: deel 1

Spellenclubspel van het jaar

Dungeon Fighter (Cranio Creations / Heidelberger Spieleverlag / IELLO)

Begint u met een spellenclub, hebt u weinig fondsen en zoekt u daarom een spel dat het beste van een euro, behendigheidsspel, partyspel, dobbelspel, coöperatief spel, RPG, onderhandelingsspel en dungeon crawler in zich verenigt? Zoek dan niet verder. Dungeon Fighter redt u uit de brand.

Het ene moment bent u met uw medespelers doodserieus aan het discussiëren over welke wapens en magische voorwerpen u zult inslaan op de marktplaats, het volgende ligt u schuddebuikend van het lachen op de grond omdat uw rechterbuurman er niet in slaagt een zeszijdige dobbelsteen op een doelvlak van 45 cm doorsnede te gooien.

Dungeon Fighter, dat mag ook eens gezegd, is een spel waarin ondergetekende meer dan gemiddeld presteert. Dat is ook lekker meegenomen, al heeft dat de toekenning van deze award op geen enkele manier beïnvloed.

Dominique

Flash Garde

Enige heerlijkheid werd mij onlangs gegund tijdens het spelen van Flash Duel: Second Edition.

Een opgepimpte versie van En Garde van Knizia is dat, met heel wat toeters en bellen. Toeters en bellen die zich manifesteren onder de vorm van 20 speciale karakters die elk over 3 speciale eigenschappen beschikken. Eigenschappen die uw tegenstander – het is een spel voor twee – open en bloot voor u kan zien liggen, lekker gebruiksklaar. Maar ook toeters en bellen onder de vorm van zeven verschillende speelmodi, waaronder zelfs een coöperatieve.

Uiteraard kunt u hiermee gewoon En Garde basic spelen, waarin u met handkaarten, die u trekt uit een gemeenschappelijke deck van 25 (5 elk van 1, 2, 3, 4 en 5), probeert uw tegenstander een prik te verkopen. De kaarten gebruikt u om te bewegen en aan te vallen of, als u aangevallen wordt, te verdedigen of te riposteren. Een prik is een punt en u speelt om ter eerst tot drie.

Zoals eerder al aangegeven beschikt deze editie over enige bling bling, waarvan de speciale karakters het meeste licht weerkaatsen. Enkele voorbeelden? Garus Rook, The Stone Golem bijvoorbeeld, een organisme dat lijkt te zijn opgetrokken uit gewapend beton en dat leuke dingen doet met uw aanvallen van 1 en daarbovenop moeilijk te prikken valt. Of Vendetta, The Undead Assasin, die met een goedgemikte stunlock uw tegenstander een kaart doet afleggen en hem daarbovenop zijn hele volgende beurt verplicht om weer overeind te krabbelen. Lum Bam-foo, The Gambling Panda – een favoriet van vele Yomi spelers – zit er ook in en hij houdt zich nog steeds bij voorkeur bezig met risicovolle acties die een beetje durf vereisen.

Speciale eigenschappen kunt u slechts één keer per ronde gebruiken. Een juiste timing is dus heel belangrijk.

Het oppimpen van En Garde met speciale karakters was voor de heer Sirlin nog niet voldoende. Daarom heeft hij ook nog zeven speelmodi in de speeldoos gemoffeld, waarvan de semicoöperatieve het meest in het oog springt. In deze variant kunnen tot vier spelers de strijd aangaan tegen Master Menelker, The Death Strike Dragon, een creatuur waar u bij voorkeur met een wijde boog omheen loopt. Dit beest beschikt over een speciale en letterlijk groot uitgevallen kaartendeck waaraan uw coöperatieve vennootschap gegarandeerd de handen vol zal hebben. Voeg daaraan toe dat u, als u echt tot wanhoop gedreven wilt worden, aan uw zelfmoordcommando een verrader kunt toevoegen.

David Sirlin heeft een zwak voor digitale vechtspellen, voornamelijk uit de oude doos, en probeert die dan om te zetten naar papier en karton. Met Yomi en Puzzle Strike slaagde hij daar wonderwel in. Met Flash Duel ook, al entte hij de uitvoering op de fundamenten van een ander. Niets mis mee want het is een blijvertje. Als u een En Garde liefhebber bent moet u dit zeker eens proberen. Handig dat meneer Sirlin ook rekening houdt met de mobiele bord- en kaartspeler, want naast het kartonnen gevechtsbord heeft hij ook een kaartenalternatieve versie toegevoegd zodat dit spelletje in uw binnenzak en dus overal mee naartoe kan.

Dominique

 

Flash Duel: Second Edition

Sirlin Games, 2011

David Sirlin

1 tot 5 spelers (leeftijd niet aangegeven)

5 minuten (per prikje)

 

Vier op een rij

Dominion, beste medespeler, wordt stilaan het kneusje van de klas. Verdienstelijk omwille van het frisse spelconcept dat het introduceerde, maar in het deckbuilderspeloton wordt het nu langs alle kanten door zijn eigen concept voorbijgestoken. Meer nog, Dominion zwalpt nu zo’n beetje voor de bezemwagen uit en ziet het peloton stilaan aan de einder verdwijnen.

Nog eentje die Dominion onlangs met een onverwachte, maar snedige, demarrage uit het wiel reed is Rune Age.

Rune Age is een Fantasy Flight verademing. Een verademing omdat alles al in de doos zit en er van eindeloze uitbreidingspakketten geen sprake is. Met deze doos en deze inhoud moet u het doen. Goed zo, FFG!

Het is ook een verademing omdat u hier vier spellen in één doos krijgt aangeleverd. Spellen die elk aanzienlijk van elkaar verschillen. Zo kunt u in de variant ‘The Cataclysm’ bijvoorbeeld coöperatief aan de slag. Maar u kunt ook – u hebt bijvoorbeeld een slechte dag gehad op de werkvloer – uw tegenspelers uitmoorden in de variant ‘Runewars.’ Bouwt u graag om ter snelst raad ik u aan het scenario ‘The Monument’ aan te snijden. Kunt u niet kiezen uit het voorgaande en wilt u van alles wat, leg dan gerust de kaarten voor het drakendrama ‘Resurgence of the Dragonlords’ op tafel.

En dat allemaal met een deckbuilder. En zonder eindeloze beurten.

Ik hoor het u al denken: daar moet een tekening bij.

Het is eigenlijk allemaal vrij eenvoudig hoor. U kiest een scenario, legt de daartoe bestemde neutrale kaarten (eenheden en steden), de goudkaarten en de gebeurteniskaarten in het midden van de tafel, legt de schadefiches en de gevechtsdobbelsteen binnen handbereik, kiest een volk waarmee u aan de slag wilt, plaatst uw persoonlijke eenheden in uw barakken en uw hoofdstad en bolwerken in uw koninkrijk, trekt van uw startdeck vijf kaarten op hand en u bent vertrokken.

Ik ga niet teveel in detail treden, maar u kunt heel wat doen tijdens uw beurt. Goud en invloed aanwenden om extra kaarten te kopen bijvoorbeeld, of vechten tegen neutrale eenheden of tegenspelers, bolwerken oprichten om uw invloed te vergroten en met die invloed dan weer extra goud verwerven.

Kaarten zijn neutraal of eigendom van een speler. Uw eigen eenheden rekruteert u uit uw eigen barakken en als ze sneuvelen keren ze gewoon weer naar die barakken terug zodat u ze later opnieuw kunt aankopen.

Nadat u dit alles hebt afgehandeld vult elke speler zijn handkaarten weer aan tot vijf en is uw linkerbuur aan zet.

Zodra elke speler aan de beurt is geweest wordt er een gebeurteniskaart van de trekstapel getrokken, de actieve speler leest deze met de nodige dramatiek voor en de gebeurtenis – u moet er niet al te veel goeds van verwachten – vindt plaats. Soms hebt u geluk en kunt u de actieve gebeurteniskaart, als het een eenheid is bijvoorbeeld, bevechten en eventueel claimen als beloning (goud of invloed).

Vechten is echt spannend, vooral door de speciale eigenschappen van bepaalde eenheden én niet in het minst de gevechtsdobbelsteen. Dit ettertje, dat wordt geactiveerd als zijn symbool op een kaart die betrokken is in de veldslag staat afgebeeld, zorgt ervoor dat u niet helemaal zeker bent van een goede afloop. Want voor elke schedel die u gooit gaat er eenheid van u onderuit. Vecht u tegen een andere speler moet u ook wel een beetje oppassen want die kan dan ook zijn handkaarten gebruiken om te riposteren. Wilt u een functie bekleden in Rune Age strekt een masterdiploma in risicomanagement zeer tot aanbeveling.

Ook leuk: de volkeren, elk met hun eigen sterktes en zwaktes. De Latari Elves bijvoorbeeld, zeer belezen in magie. Of de Daqan Loards, die geen boeken lezen en liever met brute kracht ten strijde trekken. Of de Ondoden, waarvan ik de naam van de aanvoerder niet eens durf uit te spreken, laat staan neer te schrijven. Ontdekt u hun potentieel gerust zelf.

Houdt u van deckbuilders met net dat beetje extra bent u hier aan het goede adres. Vier spellen in één doos (de kans is niet onbestaande dat u ze alle vier op een rij speelt), eenvoud en diepte, heel veel interactie, makkelijk leesbare kaarten die het uiterste van uw deckbuildingvaardigheden vergen en geen uitbreidingen in zicht. U kunt daarbovenop nog eens solo aan de slag. Dat pleit allemaal vóór Rune Age en dat is niet niks.

Voelt u zich thuis in het Terrinoth-universum, een universum waarvan Runebound, Rune Wars en Descent ook deel van uitmaken, en wilt u eens wat anders – iets beters – geef dit dan een kans. U gaat niet weten wat u overkomt.

Dominique

 

Rune Age

Arclight / Edge Entertainment / Fantasy Flight Games / Heidelberger Spieleverlag, 2011

Corey Konieczka

1 tot 4 spelers vanaf 13 jaar

60 minuten