De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 16

Misprint van het jaar

Comuni (Huch & Friends). Ik wist het niet, maar in Italië tellen ze helemaal anders dan bij ons. Dat verklaart onmiddellijk hoe Berlusconi erin geslaagd is daar premier te worden.

Het telspoor in Comuni – eigenlijk een aftelspoor – gaat vrolijk in de clinch met de geldende definities aangaande de logische neerwaartse opvolging van natuurlijke getallen. Ik geef even duiding: als men in Italië een raket zou lanceren, gaat de aftelling als volgt: 15-14-13-12-15-10-9-8-7-6-5-4-3-2-1-0

Moest ik verantwoordelijkheid dragen bij de Europese Ruimtevaartorganisatie ESA zou ik toch twee keer nadenken vooraleer de Italianen verder te betrekken bij het Galileo-project. En al helemaal indien het zou gaan om de lancering van een Ariane-raket. Tenzij het een enkeltje is met Berlusconi aan boord.

Voor u met uw pas aangeschafte exemplaar weer naar de winkel holt toch enkele woorden van geruststelling: het spelplezier – een fenomeen dat wel degelijk bij dit spel optreedt, tot mijn eigen grote verrassing – lijdt er niet onder. Omdat dat aftelspoor eigenlijk geen vereiste is. Misschien merkt u het niet eens op, en al zeker niet als u van Italiaanse origine bent. En u kunt het ook zo bekijken: vanaf het moment dat er een tweede editie komt hebt u een collector’s item in handen. Of als u gevoelig bent voor het betere opvoedkundige werk: u beschikt nu over een heerlijk didactisch instrument om uw kinderen spelenderwijs te laten kennismaken met de Italiaanse telmethode.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 15

Manvriendelijkste spel van het jaar

Mecanisburgo (Gen X Games). De naam alleen al. Enkele kernwoorden: sciencefiction, huurmoordenaars, seks a volonté (al dan niet met behulp van de Sexrex Kit), wilde achtervolgingen, stadsguerrilla, futuristische autoraces, miniduikboten, macht, omkoperij, verleiding, sabotage, bloedmooie vrouwen, opportunisme, robots. Allemaal ingrediënten waarmee de modale man onmiddellijk aan de slag kan. Aan de slag gaan betekent in dit spel losjesweg heersen over de aarde, vooral dan op economisch vlak. We weten allemaal waartoe dat kan leiden maar dat laten we nu wijselijk even buiten beschouwing. De zaadjes van onze toekomstige macht worden geplaatst in de grootste metropool op aarde, Mecanisburgo genaamd, ergens in de toekomst. In Europa, want ondertussen heeft Amerika eindelijk ontdekt dat zij op deze planeet niets te zeggen hebben. Om de macht naar u toe te trekken hebt u gelukkig de beschikking over de nodige managementcapaciteiten die u naar hartelust kunt etaleren aan de top van een megacorporatie. U kent uiteraard het klappen van de zweep als het gaat om het beheersen van grote geldstromen, maar u geeft toch eerder de voorkeur aan uw vaardigheden op het gebied van human resource management. Het aanwerven van het juiste en goed gekwalificeerd personeel is immers een van de belangrijkste handelingen die u in dit spel zult doen. Denk aan sollicitatiegesprekken met huurmoordenaars, intriganten, cyberninja’s, femmes fatales, witteboordkriminelen enzovoort. Kortom: betrouwbaar en degelijk personeel. Verder probeert u zich ook zoveel mogelijk te bemoeien met alles waaruit u profijt kunt halen: genetische manipulatie, de porno-industrie, biologische oorlogvoering, kraken van computersystemen, illegale straatraces, omkoperij, robotica en meer van dat fraais. En u verwent uw personeel want u zorgt ervoor dat ze over alle – ergonomisch verantwoorde – middelen beschikken om hetgeen u delegeert naar behoren uit te voeren. U zorgt bijvoorbeeld voor snelle wagens, assistentierobots, hoogtechnologische communicatiemiddelen, perfect uitgeruste biolabs en robowachters om pottenkijkers op nogal onvriendelijke wijze op afstand te houden.

U probeert dus invloed uit te oefenen in de verschillende stadsregio’s, de voordelen ervan te benutten, projecten te realiseren en vooral de overwinningspunten die er te vinden zijn te oogsten. Denk bijvoorbeeld aan het Casino, het Financieel Complex, de Ruimtehaven en Het Justitiepaleis, mijn favoriet.

En als u voelt dat de overwinning niet binnen handbereik ligt krijgt u van de auteurs het uitdrukkelijke mandaat om ervoor te zorgen dat niemand wint. De hele metropool gaat er dan letterlijk aan; Niets blijft overeind. En niemand zal dan uiteindelijk de handen in de hoogte steken. Het leuke is dat de “zekere” verliezer daar op subtiele wijze naartoe kan werken. En op het moment dat men hem of haar door begint te krijgen moet men plots beginnen schipperen tussen het afhouden van de bedreiging van uw medespeler en het streven naar een individuele overwinning. En daarbij indien nodig een beetje hulp van uw tegenstanders inroepen. Inderdaad, diegenen die u tot dan toe voortdurend hebt dwarsgezeten.

Mecanisburgo is een beetje en monster van een spel. Oók typisch mannelijk, zullen een aantal vrouwen opmerken. U bent minstens een drietal uurtjes bezig, meestal langer. Dat hoeft geen ramp te zijn als u met een Sexrex Kit aan de slag mag, maar u calculeert dat toch best in. De regels zijn ook uitgebreid en een beetje ingewikkeld. Maar worstelt u zich daar doorheen ontdekt u een erg origineel en uitgebreid spel (meer dan 200 kaarten) dat steeds weer anders is en u, al was het maar voor even, de illusie geeft dat u de mondiale touwtjes in handen heeft. Geef maar toe: u hebt altijd geweten dat het in u zat: Een Wereldleider!

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 14

Dobbelspel van het jaar

Cambria (Vainglorious Games)

Cambria (Wales), 400 na Christus. De Romeinen gaan er stilaan vandoor en de Ieren zouden graag de vrijgekomen plaatsjes opvullen. Met geweld. Zo ging dat toen. Nederzettingen bestormen doen we hier. Nederzettingen van waaruit meerdere wegen vertrekken. Of toekomen, ’t is maar hoe u het bekijkt. Hoe meer wegen de nederzetting aandoen hoe waardevoller en puntenrijker ze is. Wie met zijn legertjes de meeste toegangswegen bezet krijgt die punten. De Romeinen, in een laatste militaire stuiptrekking, proberen her en der nog wat roet in het eten te gooien (lees: uw medespelers maken het u lastig). Gelukkig kunt u door het strategisch inzetten van schepen een beetje invloed uitoefenen op toekomstige gebeurtenissen. Alhoewel, strategisch is misschien niet het juiste woord. Maak er maar “tactisch” van. We werken het hele conflict immers af in een kleine 20 minuten.

Cambria steekt alle Heckmeckjes, Gockelwocks, Shangaeiens, Burgenlandjes, Risk Expressjes, Los Bandidootjes, Hoppladi Hopplada’s en Drachenwurfjes moeiteloos in zijn achterzak. Niet door zijn vormgeving, o nee. In de categorie “vormgeving van het jaar” huppelt Cambria hopeloos achterop, in de bezemwagen zelfs. Maar in de categorie “dobbelspel van het jaar”, toevallig de categorie waarover het hier gaat, excelleert dit kleinood als was het een Ferrari Testarossa naast een Ford Cortina (bouwjaar 1966) vlak nadat het licht op groen is gesprongen.

U zult uw potentiële medespelers wel eerst moeten overtuigen om aan te schuiven. Als u de doos op tafel etaleert en de inhoud uitspreidt zullen ze u proberen te overhalen om toch maar over te schakelen op iets anders. Een mooi spel bijvoorbeeld. Ze zullen smoesjes verzinnen, argumenten tegen aanhalen, een spel aanraden dat ze toevallig nog in hun auto om de hoek hebben liggen of gewoon eerlijk zijn en zeggen: “Excuseer, maar hier doe ik niet aan mee!” Oefen dus op overtuigingskracht vooraleer u de afrit Cambria neemt. Een spiegel is hierbij een krachtig hulpmiddel. Oefen ook in het leggen van enige gewichtigheid in het uitspreken van het woord “Cambria”, met de nadruk op de eerste lettergreep. De laatste lettergreep leent zich dan weer uitstekend voor een laag timbre.

Als u de hindernis van het overtuigen kunt nemen zult u tijdens het spelen en zeker bij de nabespreking een golf van voldoening door uw lichaam voelen stromen. Geef toe: iets beter weten dan een ander en nog gelijk hebben ook, het geeft een kick.

Cambria doet het met een klein bordje, houten fiches, twee banale zeszijdige dobbelstenen (erg leuk om die nog eens tegen te komen in een spel) en een lading plastic blokjes. Materiaal op huis-, tuin- en keukenniveau. In een afgrijselijk kwetsbare doos. Dat zijn hindernissen die moeten worden genomen.

Toch: “Echte schoonheid zit van binnen.” Koen Wauters nam deze woorden in de mond toen een journalist hem vroeg waarom hij was gevallen voor zijn Valerie. Het klonk een beetje vals. Cambria zegt hetzelfde, maar zonder woorden. En veel geloofwaardiger.

Ondertussen wordt er al volop aan de poten van Cambria’s stoel gezaagd. Door De nieuwe versie van Exxtra (Knizia), Excape bijvoorbeeld. Of door Roll Through The Ages. Of door Dice Town. Al zal nog moeten blijken of hun zaagbladen voldoende geslepen zijn om Cambria aan het wankelen te brengen. Wees gerust, ik hou u op de hoogte.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 13

Kleverigste kaarten van het jaar

Er gaan er drie met de prijs lopen in 2008: Middle Kingdom (Z-Man Games), A Touch Of Evil (Flying Frog Productions) en Genji (Z-Man Games). Twee dus van Z-Man Games, een ietwat verontrustende ontwikkeling. Een kaart van Middle Kingdom was zo gehecht aan haar buurtje dat ze bij het – voorzichtig, u kent mij – uit elkaar halen aan de rugkant werd beschadigd. En in een spel waarbij een gedekte trekstapel een basis vormt voor het spelplezier is dat toch een beetje jammer. De kaarten van Genji hebben de scheiding van hun soortgenoten overleefd maar tijdens het proces was de spanning toch te snijden. En spanning snijden doe ik toch liever tijdens het spelen dan bij de voorbereiding. Handvaardigheid, beste medespeler, het is een eigenschap die meer en meer van ons gevraagd wordt. Maar daar kom ik nog op terug in een volgende bijdrage.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 12

Spellenbabe van het jaar

Katrina, The Outlaw (A Touch Of Evil / Flying Frog Productions). Ik mag graag met haar spelen. Wat wil je ook anders met een spirit van 2, een cunning van 3, een honor van 5 en een combatwaarde van 2. En sowieso een hit bij 4, 5 of 6 met de gevechtsdobbelsteen.

’s Nachts in mijn bedje lig ik voortdurend aan haar te denken. Aan hoe ze mij, gewapend met twee duelleerpistolen, Lara Croftgewijs voor de fatale beet van een vampier behoedt. Het gif dat een grote gemuteerde vleermuis ter hoogte van mijn linker sleutelbeen in mijn lichaam heeft gespoten wordt er door Katrina – duidelijk zonder enige schroom of tegenzin – vakkundig en vooral heel langzaam uitgezogen. Vervolgens kijken we elkaar hartstochtelijk in de ogen, worden onze lippen onweerstaanbaar naar elkaar toegetrokken en word ik bruusk uit mijn slaap gerukt door de wekkerradio die mij meedeelt dat er op de E40 richting Brussel een accordeonfile staat ter hoogte van Wezembeek-Oppem. Waarna het tergend langzaam aftellen is naar het volgende bedtijd-moment.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 11

Beste elektronische bordspeladaptatie van het jaar

Ik heb graag het pure spul. Een echt stevig kartonnen spelbord, kaarten, houten pionnetjes, papieren spelregels en een doos waar dat allemaal zonder problemen in past. Maar soms heb je gewoon geen medespelers. Blijkbaar hebben spelfabrikanten hét gat in de spellenmarkt nog steeds niet ontdekt: het gat van het bijvoegen van medespelers in de speldoos. Goed, de dozen moeten wat groter en er moeten gaatjes in, maar geef toe: je krijgt er toch wel een heel belangrijk spelonderdeel bij.

Computeradaptaties bieden enkele onmiskenbare voordelen. Geen gedoe met het opzetten van het spelbord en de spelstukken, het uitschenken van de drankjes en het klaarzetten van de hapjes. Je kunt ook geen verkeerde zetten doen. En dus ook niet vals spelen. Je kunt spelen in je onderbroek, of zelfs naakt als je wilt. Je tegenstanders gaan hierover geen enkele opmerking maken, tenzij je je webcam bent vergeten af te zetten (ik spreek niet – ik herhaal; niet! – uit ervaring). Je kunt ook schelden op je tegenstanders zoveel je wilt, of je middelvinger opsteken, of ze naar hartelust uitlachen. What’s not to like?

Iemand uitschelden, dat lucht soms zó op. Alleen heb ik er toch moeite mee als er een speler van vlees en bloed aan de andere kant van de glasvezelkabel zit. Zelfs al bevindt die aan de andere kant van de wereld. BrettspielWelt laat ik hier dus even buiten beschouwing. Ik voel me er iets gemakkelijker bij als mijn scheldtirade gericht is op een niet bestaande, dus digitale, tegenstander. U wilt niet weten wat mijn reguliere opponenten, genaamd computer 1, computer 2 en computer 3 van mij, player 1, al naar het hoofd geslingerd hebben gekregen. U zou mij onmiddellijk een jaartje gemeenschapsdienst opleggen. Maar het is niet anders, tegen een computertegenstander kan ik mij eens lekker helemaal laten gaan.

Maar we dwalen af. De beste elektronische bordspeladaptatie van 2008 is zonder enige twijfel Keltis (Kosmos / USM). Waarom? Een heerlijke eenvoudige en functionele interface, een prachtige grafische omzetting, mooie achtergrondmuziek (die ik voor de verandering eens niet afzet tijdens het spelen), snel opstartend en zeer uitdagend. Als u uw tegenstanders op “schwer” instelt tenminste.

Nu dat gat in de markt nog.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 10

Verdwijning van het jaar

Onrustwekkende verdwijningen, we worden er naar mijn gevoel veel te vaak mee geconfronteerd. Vooral in de periode die nu ongeveer een viertal weken achter ons ligt. Eigenaardig genoeg ontkomt de spellenwereld ook niet aan dit fenomeen.

In de categorie “wat zijn ze, wat doen ze, maar vooral: waar zijn ze in godsnaam gebleven?” kán ik echt niet om de volgende laureaten heen:

Cleopatra’s Caboose (Z-Man Games)

Beautiful Minds (Mind The Move)

Revolte In Rom II (Queen Games)

Athene (JKLM Games)

Sultan (Phalanx Games)

Court Of The Medici (Z-Man Games)

Modern Society (Tuonela Productions Ltd.)

Eervolle vermelding: mijn rugzak op dag twee in Essen.

Indien u inlichtingen kunt verschaffen die kunnen bijdragen tot de opheldering van deze verdwijningen gelieve u dan te melden bij de dichtstbijzijnde spelliefhebber.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 9

Schurk van het jaar

Iedereen verwacht nu dat ik de naam Wu-Feng neerschrijf. Dat heb ik inderdaad net gedaan maar hij gaat niet met de prijs lopen. De schurk van het jaar is de Heer Necron uit “Der Hexer Von Salem” (Kosmos). Niet omdat het zo’n angstaanjagende slechterik is, nee. Wel omdat het een kl… ettertje is. Een etter die het bloed voortdurend onder spelersnagels weghaalt. Ik ben er al meermaals razend kwaad op geweest. Echt kwaad. En dan die grijns die hij je voortdurend van op zijn loopspoortje toestuurt. Zo van: “Doe maar rustig voort hoor, stelletje knoeiers. Ik ga dadelijk letterlijk het hoekje om en bekijk het dan maar. Toedeloe!”

Der Hexer Von Salem is een coöperatieve die onterecht een beetje werd weggedrukt door kleppers als Pandemic, Ghost Stories, Battlestar Gallactica en de lilliputter Red November. Ik durf zelfs nog een beetje verder gaan: qua moeilijkheidsgraad en frustratiegenerator kan geen van de genoemde concurrenten – al maak ik voorbehoud bij Battlestar Galactica omwille van nog niet gespeeld – wedijveren met dit loodgietergedoe. Gek eigenlijk, gezien de overzichtelijkheid van dit spel en de relatieve eenvoud waarmee alles speltechnisch in elkaar past. Men behoudt ten allen tijde een goed overzicht. Dat is mooi. Maar ook erg confronterend wanneer dat overzicht een vrij duidelijk beeld schept van de afgrond waarnaar u en uw medespelers ontegensprekelijk op weg zijn, bij spelaanvang met de gezapige snelheid van een schattig lief boemeltreintje, naar het eindspel toe met de snelheid van een op hol geslagen TGV.

Ook leuk: u mag – moet – voortdurend overleggen met uw medestanders om zelfs maar een kleine kans te maken op de overwinning Toch er is één onderwerp dat nooit, maar dan ook nooit, mag aangesneden worden. “Dat waarover niet gesproken mag worden” lijkt in eerste instantie een beetje onnozel, maar na het spelen besef je dat dit weer een gemene streek is van de Heer Necron om voor zichzelf een beetje – niet dat hij het nodig heeft hoor – tijdwinst te kopen. Tijdwinst voor hem betekent immers tijdverlies voor u. En voldoende tijdverlies voor u betekent uiteindelijk eindwinst voor hem. En voor hem alleen. Ik weet waarover ik schrijf. Ik heb ervaring. En anderen met mij.

Hebt u een hoge frustratietolerantiedrempel? Leg dit dan eens op tafel. En laat me achteraf even weten op welke psychiatrische afdeling ik u mag komen bezoeken.

Tot morgen!

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 8

Lilliputter van het jaar

Red November (Fantasy Flight Games). Geef toe, de naam klinkt als duizenden tonnen pure nucleaire power die de poten van uw arme keukentafel amper overeind gaan kunnen houden. Tot u de doos ziet. Of beter: doosje. Op Spiel in Essen keek ik er bijna overheen, zo klein was het. En is het, want de omvang is sindsdien nog niet veranderd. Smurfen en Plopachtige creaturen vinden dit zeker de max, maar organismen van menselijke omvang blijven hier toch enigszins in de kou staan. En de verwachte tonnen nucleaire power worden dan al snel herleid tot het niveau van een klapzoekertje dat door “hij is me d’r eentje, de deugniet” wordt afgeschoten in een kleuterklas.

Akkoord, een duikboot is van nature een claustrofobie-initiërend en beklemmend omgevingsobject, maar moet dat dan persé worden doorgetrokken naar onze – omdat we op álle spellen willen voorbereid zijn – gigantische speltafel? Het kan toch niet de bedoeling zijn dat we vóór we aan de slag gaan door een voorspel “zoek de duikboot” moeten?

Kortom, dit moet in een grote doos. Als er één uitgever is die een lot grote dozen uit haar magazijn kan toveren is het toch Fantasy Flight Games zeker? En in die doos een grote duikboot en grote componenten. Zodat gepriegel wordt vermeden. Priegelen, het is niet mijn favoriete bezigheid als ik word geacht alles uit de kast te halen om mijn vege lijf te redden uit een aan alle kanten belaagde en uit elkaar vallende onderzeeër.

Dus: een tweede en grotere editie graag. En dan voor de prijs “Reus van het jaar!”

Tot morgen.

Dominique

De “De Tafel Plakt!” Awards 2008: deel 7

Meest overbodige uitbreiding van het jaar

Carcassonne: Das Katapult (Hans Im Glück). Al die uitbreidingen en spin-offs van Carcassonne hebben bij mij de eigenaardige bijwerking dat ik stilaan Carcassonne zelf een beetje overbodig begin te vinden. En dat verdient het niet. Iemand zou eens met Klaus-Jurgen moeten gaan praten. In een of andere Starbucks. Die moet er toch zijn in Keulen. Bij een halve liter Café Latte. En die iemand moet een paar kaartjes meenemen uit het spel “Lawless”. Meerbepaald de kaartjes van de uitgemergelde koeien. Als visueel steuntje om Klaus-Jurgen te helpen duidelijk maken wat het werkwoord uitmelken betekent. En waar dat toe leidt. En hem voor de keuze stellen: stoppen met die handel of opnieuw presteren op niveau. Want – hoewel er ondertussen redenen zijn voor gerede twijfel – de man heeft een goede smaak. Hij luistert veel naar Wagner, Sting, U2, Brahms, Supertramp en Chopin, afgewisseld met een vleugje jazz. En hij doceert theologie en muziek. Een man met niveau dus. Al doet dat niveau mij dezer dagen eerder denken aan het wereldberoemde hellend vlak van Ronquieres. In neerwaartse richting dan.

En ziet, beste medespeler, ik heb deze woorden nog maar net neergeschreven of daar verschijnt “Die Kinder Von Carcassonne” al wuivend aan de einder.

Hardleers, die Wrede.

Tot morgen!

Dominique