Hitparade

Vandaag wil ik uw aandacht vragen voor een eenvoudig maar uiterst verslavend kaartspelletje.

Ik doe dat omdat ik in Essen naar jaarlijkse gewoonte weer een bezoekje heb gebracht aan onze Japanse vrienden van Grimpeur. Na de obligatoire 67 buigingen en een uitgebreide theeceremonie van ongeveer drie uur kreeg ik het mee, samen met Greedy Kingdoms en Chronicle.

Het thema waaraan dit kaartspelletje is opgehangen is Alice In Wonderland.

U kent het verhaal dat aan het bizarre brein van Lewis Caroll is ontsproten allemaal wel. Alice ziet tijdens een uitje een sprekend konijn met een grote klok dat schijnbaar ergens te laat gaat arriveren, loopt erachteraan, valt in een gat in de grond, komt in een bizarre wereld terecht, ontmoet allerlei eigenaardige creaturen en beleeft daarmee vervolgens de meest gekke, en ook levensgevaarlijke, avonturen. Las je dit verhaal voor het slapengaan voor aan je spruiten konden ze voor de rest van de nacht van pure angst de slaap niet meer vatten. Een ideaal afsluitmoment na een stoute dag dus.

Ik raad u trouwens nu al aan anno 2010 te gaan kijken naar de filmadaptatie van Tim Burton, waarvan hieronder een voorproefje:

http://www.youtube.com/watch?v=LjMkNrX60mA

Het thema, beste medespelers, is er dan wel, het vinden tijdens het spelen is een heel andere zaak. U moet al van heel goeden huize zijn om hier de link thema-spel te kunnen ontwaren.

Maar dat geeft niet.

Want dit spelletje speelt zo lekker en elegant weg dat het niet mooi meer is.

En het is verbluffend simpel.

In Wonderland wordt een parade georganiseerd en blablabla en blablabla. Het volstaat dat u weet dat de kaartendeck bestaat uit zes setjes van tien kaarten, elk in hun eigen kleur en met een karakter uit het boek erop. Het klokdragende konijn zit erin en Alice uiteraard ook. Ook de dodo en de kameleonkat werden door Grimpeur niet over het hoofd gezien.

De kaarten worden geschud, elke speler krijgt er vijf op hand en er worden er zes in een rij opengelegd naast de trekstapel: zij vormen de parade!

Wat volgt is van een onnavolgbare simpelheid die na uw eerste sessie gek genoeg naar heel veel meer smaakt.

Tijdens uw beurt moet u een kaart uitspelen. U legt deze achter aan de parade aan en u telt het aantal kaarten, gelijk aan de waarde van uw uitgespeelde kaart, naar links. Beslaat deze telling de hele parade is er niks aan de hand. Blijven er echter kaarten over aan het begin van de parade zit u met een probleem want u moet mogelijk een aantal van die overblijvende kaarten uit de parade halen en voor u open op tafel leggen. Dat is niet goed want die leveren bij de eindtelling strafpunten op. Wat u weg moet nemen zijn de kaarten die dezelfde kleur hebben als uw uitgespeelde kaart en de kaarten die een gelijke of lagere waarde hebben. Zoals gezegd legt u deze open voor u neer, mooi gesorteerd zodat het tellen van uw minpunten snel en overzichtelijk kan gebeuren, maar toch vooral opdat uw medespelers ze goed kunnen zien. Want die gaan hun verdere acties daar meedogenloos op afstemmen.

Na het leggen van uw kaart trekt u een nieuwe van de trekstapel en wacht zuchtend en tandenknarsend op uw volgende beurt.

Het spel is gedaan zodra een speler kaarten in alle zes kleuren voor zich heeft verzameld of zodra de trekstapel leeg is. In beide gevallen komt iedereen nog één keer aan de beurt. Zodra er bij een speler zes kleuren openliggen wordt er na de laatste beurt geen kaart meer bijgetrokken. Dat is belangrijk want elke speler moet het spel afsluiten met vier handkaarten

Als laatste actie schudt elke speler zijn resterende vier handkaarten, trekt er twee uit en voegt deze toe aan de kaarten die hij tijdens het spel voor zich heeft verzameld.

Daarna wordt er geteld.

Ook dat tellen is heel simpel. Er wordt gekeken welke speler in welke kleur de meeste kaarten heeft verzameld. De gelukkige draait deze kaarten om en krijgt voor elk van deze kaarten slechts één minpunt. Bij gelijke stand profiteert iedere gelijk gestrande speler van dit voordeel. Daarna telt elke speler de waarde van al zijn nog openliggende kaarten op en noteert ze als minpunten.

Dat is het.

Maar niet voor mij want ik kon hier, ondanks de schijnbare eenvoud, heel moeilijk mee stoppen. Tijdens het spelen wordt al snel duidelijk dat u met interessante dilemma’s wordt geconfronteerd. Hou ik mijn hoge kaarten bij of speel ik ze toch snel uit om voorlopig buiten schot te blijven maar met het risico dat ze snel naar de kop van de parade opschuiven, mogelijk zelfs tegen de tijd dat ik weer aan de beurt ben? Ga ik ervoor om zo weinig mogelijk kaarten te verzamelen of ga ik voor de meerderheid in een bepaalde kleur om mijn minpunten te minimaliseren? Durf ik dat trouwens aan? En wat met die laatste vier handkaarten? Wat doe ik daarmee? Twee ervan gaan open op tafel, maar deze worden blind uit mijn stapeltje van vier getrokken. Hoe doe ik daar aan damagecontrol? En blijf ik wel voldoende alert voor het naderen van het speleinde? Kom ik niet te laat met mijn mastermove? En wat speel ik uit tijdens die allerlaatste beurt?

En dan de belangrijkste vraag: kunnen we nóg een keer?

Dat zijn veel ingrediënten in een doosje van 2,5 op 9 op 6 cm.

Hou alvast rekening met een hele klets minpunten. Zo rond de dertig is een mooi gemiddelde. En helemaal leeg uitgaan is een mirakel waarvoor u nog tijdens uw leven de heiligenstatus verdient. Maar u mag het proberen, het is een uitdaging.

Parade, beste medespeler, is mijn favoriete filler in wording. En is ook extremely funny met twee.

Dominique

 

Parade (Grimpeur Inc., 2009)

Naoki Homma

2 tot 6 spelers vanaf 10 jaar

30 minuten 

DARWIN(iknooit)CI

November is een vermoeiende maand. De “De Tafel Plakt Spellen-Van-Essen-Marathons” komen er alweer aan, er is de Asmodee Nocturne op 6 november en Spel 2009 in Broechem komt ook met rasse schreden onze richting uitgerend. Verder heb ik me voorgenomen weer enkele spellenclubs aan te doen en wordt ik ook verwacht als demonstrator op een spelavond ergens in het Geelse.

Maar ik heb weer wat meer energie, laten we die dan ook maar verbranden.

Gisteravond heb ik mijn post-Spiel-vermoeide-benen nog eens in actie gezet en deelgenomen aan de befaamde Diestse Draculatocht. Na 100 meter stappen voelden mijn benen alweer aan als lood, een gevoel dat ik normaal gezien pas dien te trotseren na twee dagen Spiel. Ik was duidelijk nog niet helemaal gerecupereerd.

En het lood sloeg al helemaal in mijn schoenen toen ik het antwoord hoorde van mijn jongste dochter en haar vriendinnetje toen ze onderweg werden bevraagd door de Heer Dracula himself: “Kunnen jullie mij helpen, lieve kinderen? Ik ben op zoek naar bloed van jonge maagden!”. Het antwoord van die twee was: “U hebt pech, Heer Dracula, wij zijn geen maagden!” U kunt zich misschien wel voorstellen wat dat met een vader van een tienjarige doet. Het leverde haar een lange nachtelijke ondervraging op. Met bureaulamp.

Ze kon me uiteindelijk overtuigen van het feit dat ze het sterrenbeeld hadden bedoeld.

We leven in een verwarrende tijd.

Ooit was het leven simpeler. In Darwin’s tijd bijvoorbeeld. Bootje op, bootje varen, zeeziek zijn, aanmeren, eiland verkennen, notities maken, afmeren, bootje op, bootje varen, zeeziek zijn, aanmeren, notities te boek stellen, voldaan achterover leunen, sterven, wereldberoemd worden.

Dat waren nog eens tijden.

Darwin is lang heen, maar gelukkig zijn er speluitgevers die het belang van deze historische figuur terecht naar waarde weten te schatten en er een (mooi) spel over maken.

En naar LudoArt-normen ook goedkoop. 20 euro. Ik heb ze daar ooit andere dingen met euro’s weten doen.

In Darwinci graven we knoken op. Die gaan we proberen te reconstrueren tot een acceptabel creatuur. U moet acceptabel hier met een grote korrel zout nemen. Want wat uiteindelijk op onze tafel verschijnt zou ik na zonsondergang niet willen tegenkomen.

Onze onderzoekstafel is ook niet bijster groot. Ze kan maar 12 skeletonderdelen bevatten en dat in een 3 x 4 raster. Weinig manoeuvreerruimte, hoor ik u denken. U heeft gelijk. U moet in dit spel goed kunnen puzzelen. Gelukkig beschikken we over een frame dat ons toelaat een beter overzicht te bewaren.

We beginnen het spel met vier opgegraven skeletonderdelen. Deze mogen we niet allemaal houden. We moeten er al onmiddellijk twee “inbouwen” op onze persoonlijke onderzoekstafel. We krijgen ook heel mooie biedstenen – een hele grote en negen kleine – waarvan we er onmiddellijk één aan onze linker en rechterbuur moeten overhandigen. We krijgen elk ook 12 Darwins, de munteenheid van dit spel. Er worden 5 soorten juwelenfiches gesorteerd (25 in totaal), de startspeler wordt aangeduid en de speler links van de startspeler krijgt de Darwintegel (the lucky bastard!).

Und dann geht’s los!

We kiezen allemaal een tegeltje uit onze overgebleven starthand van twee en leggen die voor ons in het midden van de tafel. Bent u een moeilijk mens en staan de tegeltjes die u in uw handen houdt u absoluut niet aan mag u er aan het begin van een nieuwe ronde nog twee kopen van een van de twee trekstapels. U kiest er uit deze vier dan twee uit en legt de andere onder een trekstapel naar keuze.

Goed, u hebt een tegel met een skeletonderdeel. U legt er eentje voor u op tafel en dan begint een heel interessant biedproces. Dat proces bestaat uit drie ronden. In de eerste ronden bent u verplicht minstens één of twee biedstenen van andere spelers uit uw voorraad in te zetten. In de eerste ronde zult u trouwens niet anders kunnen want u hebt er net twee gekregen van uw linker- en rechterbuur. Daarbovenop mag u nog één eigen biedsteen extra inzetten. U plaatst de biedstenen aan de tegels die in het midden van de tafel door uzelf en uw medespelers worden aangeboden. De tweede biedronde mag u twee stenen naar keuze inzetten en in de derde mag u dat ook. De speler met de Darwintegel – verder kneusje genoemd – mag in de tweede biedronde drie stenen inzetten. Dat scheelt, maar dat is ook nodig want hij of zij is immers het kneusje van dienst. Lees: hij of zij bengelt meestal vanaf de tweede ronde achteraan.

Na de drie biedronden wordt gekeken wie welke tegel wint. De speler met de meeste biedstenen aan die tegel krijgt de tegel en krijgt één van zijn ingezette stenen terug op voorraad. Zijn eventueel andere ingezette stenen gaan naar de eigenaar van de tegel. De niet winnende spelers krijgen hun stenen aan die tegel gewoon weer in hun voorraad. Win je je eigen tegel krijg je al je ingezette stenen aan die tegel ook gewoon weer terug.

Als iedereen zijn tegeltje met knookstructuur heeft genomen legt hij ze in zijn rastertje. U mag uw frame ook naar believen 90° draaien om voor uzelf meer mogelijkheden te creëren, maar zodra u ergens een rijtje of kolom van vier hebt gevormd ligt uw raster vast. Zo vast als gewapend beton.

U mag naar believen puzzelen maar uw aangelegde tegel moet wel aan een reeds aangelegde tegel grenzen. U doet maar raak en u mag in alle richtingen. Wat u wel probeert is verbindingen tussen allerlei beenderen en uiteinden (schedels, klauwen, handen en staarten) te creëren. Uiteinden zijn heel belangrijk, want ze dienen als multiplicator bij het scoren van afgewerkte wezens. Kortom: u probeert zo groot mogelijke wezens te reproduceren. Lukt het u er eentje af te werken (geen onafgewerkte uiteinden) mag u dat wezen scoren. U doet dat door het aantal tegels waaruit het wezen bestaat te vermenigvuldigen met het aantal uiteinden. Een afgewerkt wezen dat bijvoorbeeld bestaat uit acht tegels met een schedel, twee handen en een staart (probeert u er zich vooral geen voorstelling van te maken maar in Darwinci kan het) scoort dus 8 x 3 = 24 punten. U wordt daarvoor onmiddellijk beloond. De punten worden immers uitbetaald in Darwin.

Een tweede mogelijkheid bestaat erin te scoren in één van de vijf juwelensymbolen. Soms graaft u samen met beenderen ook al eens een juweeltje op. Die juweeltjes zijn op de tegel geëtiketteerd met een kaartje. Daar staan één, twee of drie punten op. Eén keer per symbool mag u tijdens het spel en tijdens uw beurt een kolom of rij in uw uitlage scoren. U telt dan gewoon het aantal dezelfde juweelsymbolen op aaneengesloten tegels in deze rij of kolom op en vermenigvuldigt ze met het totaal van de getallen op de kaartjes. Weer kassa!

Sommige tegels zijn ook voorzien van een rood getal met een minnetje voor. Die gaan van –1 tot –5. U voelt het al aan uw water: wordt u opgezadeld met zo’n tegel betaalt u dat bedrag gewoon aan de bank. Ai, een verliespost!

De winnaar van de biedronde wordt de nieuwe startspeler en de Darwintegel gaat naar de speler die het minste tegels in zijn of haar uitlage heeft liggen. Zoals u ziet, het kneusje van dienst. We trekken vervolgens weer één tegel bij op hand, kunnen er voor 3 Darwin twee bijkopen en we zijn weer vertrokken.

Het spel eindigt op het moment dat een speler zijn twaalfde tegel aanlegt. Dan kan iedereen eventueel nog een laatste afgewerkt wezen scoren en/of een laatste juwelenscore doorvoeren.

De Darwins worden geteld en de speler met de dikste beurs wint.

Dat, beste medespeler, is Darwi
nci.

Enkele bedenkingen:

Achterop geraken is niet erg aan te raden. U zorgt er best voor dat u elke beurt een tegel bemachtigt. Dat is niet altijd even gemakkelijk, zoals ik zelf heb mogen ondervinden. U laat bij het bieden uw gedachten best niet te ver afdwalen.

Alleen afgewerkte wezens scoren punten. Hou daarmee rekening terwijl u vlijtig aan het puzzelen bent. Zonde een groot wezen te reproduceren dat uiteindelijk niet afgewerkt geraakt.

Het scoren door middel van de juwelen eist ook geen te lang getreuzel. U mag het voor elk symbool maar één keertje doen tijdens het spel, en iets is beter dan niets zeg ik altijd. Wacht dus niet te lang.

Het bieden vraagt wat gewenning, te meer daar u met de biedstenen van uw tegenstanders aan de slag moet. De nadruk in de vorige zin ligt op het moeten in de eerste biedronde. Dat “biedt” interessante tactische en strategische mogelijkheden. En dat is leuk. U kunt uw mede-aangezetenen vrolijk voor de wielen rijden.

U mag ook uw frame naar believen 90° draaien, zolang u nog geen rij of kolom van vier tegels hebt. Dat kan soms een oplossing bieden voor een acuut puzzelprobleem.

De speelduur is aangenaam en net lang genoeg. Binnen het uurtje bent u klaar.

Er is een variant voorzien waarin u leuke dingen doet met uw grote steen. Die wordt in het basisspel enkel gebruikt om uw kleur aan te duiden, maar in de expertversie mag u er ook interessante dingen mee doen tijdens het biedproces. Nog niet geprobeerd dus ik kan er niet veel over zeggen.

Heb ik me vermaakt tijdens dit spel? Het antwoord is ja. Het biedsysteem fascineert en het cerebraal malen achteraf over hoe ik het de volgende keer anders en beter zal doen is een goed teken.

U mag dit gerust eens nader bekijken.

Dominique

 

Darwinci (LudoArt, 2009)

Martin Schlegel

3 tot 5 spelers vanaf 9 jaar

30 tot 60 minuten

Rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan: The Day After

Beste medespeler,

Terug van Essen. Het waren twee extreem vermoeiende dagen en alles staat nog niet helemaal terug op een rijtje. Gelieve mij te verontschuldigen als deze eerste indrukken een beetje verwarrend overkomen. Het komt de volgende dagen wel weer in orde met me.

Eerste indruk: drukdrukdrukdrukdruk!

Herfstvakantie is het daar in Duitsland en dat hebben we geweten. Veel jeugd, soms zelfs heel jonge jeugd. Gelukkig was er de indrukwekkende stand van Lego die een groot gedeelte van dat grut naar zich toe zoog. We hoeven trouwens ook niet meewarig te doen over dat jong geweld. Zij zijn immers de spelers van morgen, de aankomende generatie die net als wij nú over enkele jaren ook als zombies met volgeladen plastic zakken en trolley’s door de gangpaden schuifelt. Aan hun aantallen te zien is onze opvolging verzekerd.

Dat lucht op.

Een greepje uit mijn ervaringen.

Aan de stand van Kosmos werd mij op vrijdag gesmeekt zoveel mogelijk pakketjes van  “Die Fürsten Der Völker” mee te nemen. Mijn complimenteus bedoelde opmerking: “Ik wil u ook wel meenemen!” ten aanzien van de schone bemanster van de balie werd niet geapprecieerd. Ik vermoed dat er van “Die Sternenfahrer Von Catan” nu echt geen heruitgave meer volgt.

Op donderdag was er lichte paniek merkbaar – ik geef toe, ook bij ondergetekende – toen bleek dat A La Carte pas vrijdag op de beurs zou worden uitgeleverd. Dat betekende dat ik op vrijdag met zes bestellingen extra werd opgezadeld, een missie die ik met glans, plezier en bekommernis om mijn spelende medemens heb volbracht. Op vrijdagochtend was er dan ook een lange rij te zien bij Moskito, waaronder opvallend veel types met een Oosterse morfologie die opvallend veel pakketjes A La Carte kochten. Pakketjes die Herr Schmiel allemaal mocht signeren. Herr Schmiel, opvallend fris getooid met kookkledij, inclusief koksmuts, riep associaties op met Gandalf. De Witte uiteraard. Ik kan u geruststellen. De pannetjes – dieper dit keer – zijn weer van de partij en de vuurtjes hebben ook een geslaagde facelift gekregen. Geen wasknijpers meer deze keer, maar echte draaiknopjes. De flesjes met kruiden werden echter gedegradeerd van glas naar plastic, maar ze lijken op het eerste gezicht wel handiger in gebruik. En dat is geen overbodige luxe, geloof me vrij. Om een lang verhaal kort te maken: ik heb Herr Schmiel op mijn blote knieën bedankt. Eén knie voor de heruitgave, de andere voor het bedenken van het spel tout court. Hij was vereerd.

Ook weer ontmoet: Elfen met licht tot matig overgewicht, Pietje De Dood, cowboys, piraten en een goudgeharnaste ridder waar met eurocentjes naar werd gegooid. De arme man en zijn gevolg dachten dat er onderdeeltjes van zijn harnas waren gevallen en gingen er dan maar op handen en voeten naar op zoek. Dat is leuk om mee te maken als beursganger. Er waren duidelijk meer creaturen met puntoren te zien dan vorig jaar, waaronder een lelijk kaalhoofdig specimen dat volledig was groengeverfd. Het viel me op dat een van de ververs enkele meters verderop ietwat bezorgd naar de waarschuwingen op het potje groene verf stond te kijken. Uit zijn blik kon ik afleiden dat het mogelijk om industriële lakverf ging.

Long Shot was op donderdagochtend al uitverkocht bij Z-Man Games. Endeavor ging ook vlot van de hand. Blijkbaar geen transportproblemen dit jaar bij Z-Man. Zev stond dan ook duidelijk opgelucht en enthousiast de menigte te woord.

Op vrijdag aan de stand van LudoArt een leuk gesprek gehad met Greg Schloesser van de East Tennessee Gamers en notoir reviewer van bordspellen op BGG en Bordgame News. Ik heb hem en passant Darwinci uitgelegd. Ik kon dat want ik had het de dag voordien, zij het wel glansloos, gespeeld. Na ons gesprek kreeg ik prompt een uitnodiging om naar de uitreiking van de International Gamers Awards te komen, die om 14u zou doorgaan. Jammer genoeg had ik andere verplichtingen, anders was ik zeker eens gaan piepen.

Leuk: het gratis Dominion-klik-snoepjesdoosje-met-inhoud aan de stand van Hans Im Gluck.

De Dice Town expansie was op vrijdagmiddag al volledig uitgeput. Je moest trouwens eerst iets kopen voor je die kreeg. Dat was ook het geval voor de extra gebouwtegel, de Haciënda, bij Eggert Spiele. Dat was wel een beetje ontgoochelend. Ik veronderstel toch dat de meeste mensen die zo’n gratis uitbreiding willen het spel al hebben of tenminste toch iemand kennen die het spel al heeft, en dus al meer dan genoeg aan een voorafbetaling hebben besteed.

De Gratis uitbreiding van Monuments, Wonders Of Antiquity heb ik ook even opgepikt bij Abacus. Ik blijf dit een heel leuk spel vinden en de uitbreiding voegt op het eerste gezicht interessante keuzemogelijkheden toe.

Opvallend: Ra: The Dice Game voor 15 euro bij Rio Grande. Bij Abacus, de coproducent, die zich op een boogscheut van ongeveer twee meter bevond, lag hij aan het dubbele van de prijs. Raar.

Leuk: het schattige startspelfiguurtje met moersleutel dat je kreeg bij de aankoop van Fzzz! En de kortingbon van twee euro voor “The BoardgameGeek Game” die je gelijk mee mocht nemen.

Eigenaardig: de korting die we kregen van Two Plus Games bij de aankoop van Fuzzy Tiger “omdat we Belgen waren”. Ik ben er nog niet achter of dat nu een goeie of slechte zaak is.

Ook opvallend: de omgekeerde prijsbeweging tijdens de stockverkoop bij Queen Games van donderdag op vrijdag. Spellen die op donderdag 10 euro kostten (Batavia, Silberzwerg en Der Dieb Von Bagdad onder andere) bleken op vrijdag plots 15 euro te kosten. Stimmt So, de voorloper van Alhambra lag er voor 7 euro.

Indrukwekkend: de overdadige productie van Colonia (Queen Games). Niet zo indrukwekkend als de War Of The Ring Collector’s Edition, maar toch.

Ook even gebabbeld met Richard Breese, duidelijk nog niet bekomen van het factuurbedrag van de rechten op de afbeeldingen van spellen en uitgevers die in zijn ” The BoardgameGeek Game” werden gebruikt. Dat resulteerde volgens Breese in een eenmalige printrun van 2000 wereldwijd, waaronder 700 voor Europa (Essen). De rest alleen rechtstreeks te verkrijgen op BGG, al denk ik dat u ondertussen ook al op Ebay aan uw (dure) trekken kunt komen.

Zeer eigenaardig: Gonzaga. Ik werd er steeds weer naartoe getrokken, maar dat kon ook te maken hebben met de perfecte rondingen van een der Italiaanse spelbegeleidsters. Toch, het spel heeft iets. Een bijzonder mooi spelbord bijvoorbeeld, met een kaart van Europa. De plastic “lenen” die u op de kaart dient te plaatsen zijn ook intrigerend. Dure vogel ook. 39 euro. Dat is niet niks. U leest er hier binnenkort meer over.

Over erotiek gesproken. De kronkelbewegingen die de – weer Italiaanse – verkoopster van Cranio Creations (Horse Fever) ten berde bracht tijdens het zoeken naar wisselgeld in de zakken van haar strakke jeansbroek had ook gerust wat langer mogen duren.

Ook even bij Peter Struyff (Krakow 1325 AD en uitbreiding) blijven hangen. Hij had aan mij gedacht en een setje Nederlandstalige kaarten meegebracht, ter vervanging van mijn Engelse. De uitbreiding, die mijn secretaresse met dikke vette letters in mijn boekhouding had aangeduid, heb ik ook lekker meegenomen.

Interessant: Trapper (Clementoni) voor 10 euro. Werd terecht en masse gekocht. Een gouden raad voor wie dat deed. Verdoe uw tijd niet met proberen de spelonderdelen weer in de inlay te krijgen. Ik ben daar 14 dagen mee bezig geweest en het lukte me nog niet. Weggooien dus die inlay en ziplocken die inhoud. Onze Nederlandse vrienden daarentegen kunnen, gezien de opvallend oranje kleur van het geval, er misschien nog iets mee aanvangen op het wereldkam
pioenschap voetbal.

Aangenaam verrast werd ik door een exemplaar van Sutter’s Mill voor 15 euro. Stond al een tijd op mijn verlanglijstje maar geraakte daar omwille van de hoge prijs niet vanaf. Nu wel dus.

Bij Heidelberger werd het twintigjarig bestaan ook gepast gevierd. Door een 20 euro-verkoop van zeer interessante spellen: Galaxy Trucker en de Grote Uitbreiding, Warcraft, Arkham Horror, de Tribun-uitbreiding, Fury Of Dracula, Marvel Heroes, Dust, Steam en Agricola zijn enkele voorbeelden. Allemaal “auf Deutsch” en allerminst taalonafhankelijk. Dat is dan weer de andere kant van de medaille.

Mow, het charmante kaartspelletje van Bruno Cathala, was nu ook verkrijgbaar in een grote doos, met een handleiding in 59 talen (!) en nu ook speelbaar met z’n tienen. Aan de grootte van de vlagicoontjes op de achterkant van de doos te zien beschouwt de uitgever het Nederlands als een wereldtaal. Eindelijk!

Ik heb weer een hele hoop mensen ontmoet, niet het minst het aangename en goedlachse gezelschap dat mij op de beurs vergezelde. Spelers die er allemaal toe doen. Kris, Kristof, Edith, Tom, Luk, Jan, Steven, Michiel, Stefan, Dimitri, David, Tineke, Yves, Wim, Freddy, Ronny, Syroit, Dirk en iedereen die ik vergeet te vermelden. Deze laatste groep ben ik waarschijnlijk tegengekomen op vrijdagnamiddag, op een moment dat ik al ver heen was, vandaar de blackout. Jullie allemaal: merci beaucoup!!!

Jammerlijk gemist daarentegen: Maarten (De Bordspeler), Erwin Broens (Bordspel.com) naar verluidt op een haar na en ook met de Spellengekkers had ik graag eens een praatje gemaakt. Het mocht niet zijn maar we leven nog en mogelijk staat een ontmoeting met deze lieden toch nog in de sterren geschreven.

Vanaf morgen ga ik een beetje dieper in op waar het natuurlijk allemaal om draait: de spellen.

We beginnen eraan met een gedetailleerde bespreking van Darwinci. Dat mooie, en naar LudoArt-normen goedkope, spel met dat originele – echt waar! – biedmechanisme. Dat mechanisme dat mij uiteindelijk de das omdeed. U wilt van dat laatste zinnetje uiteraard het fijne weten. Wees gerust, ik geef me helemaal bloot.

Maar dan moet u morgen wel kijken.

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Neunundvierzig

Beste medespeler,

Volgens ingewijden worden er meer dan 700 nieuwe spellen gepresenteerd in Essen. U kunt rekenen. Dat betekent dat ik ongeveer anderhalf te laat aan deze voorbeschouwing ben begonnen. En dat ik nu eigenlijk al met die van 2010 zou moeten bezig zijn, als ik al niet te laat ben.

Ik weet het, wij kicken op het nieuwste van het allernieuwste. Spreek in ons bijzijn de woorden “Nieuw Spel” uit en het Pavloviaans kwijlen neemt onmiddellijk een aanvang.

Maar dit is misschien de meest gouden raad die ik u zal geven. Neem schrijfblok en papier en noteer. Ga op Spiel 2009 maar eens rustig op zoek naar de volgende, al wat oudere, titels. Misschien zijn dat wel de échte schatten? Schatten die u, ongeduldig als u bent met het inladen van alle nieuwigheden, ongeïnteresseerd links laat liggen.

Die Schatzinsel (Spiel Spass)

Als alternatief voor Martinique.

Handelsfürsten, Herren Der Meere (Pegasus)

U gaat een tweede oplage treffen in Essen Hebt u de eerste nog niet in huis dan raad ik u aan blijmoedig toe te slaan. Dit schreef ik over dit spelletje op 17 mei 2008: “Een pareltje in een klein doosje.” U doet ermee wat u wilt, maar kom achteraf niet klagen als u hebt gedaan wat u niet wou: dit laten liggen.

Lawless (Eurogames)

Als alternatief voor Carson City.

Castle (Eurogames / Jeux Descartes)

Als alternatief voor Infinite City.

Tonga Bonga (Ravensburger)

Als alternatief voor Tobago.

Maestro (Hans Im Glück)

Als alternatief voor Opera.

Castle Panic (Fireside Games)

Als een zeer recent en licht alternatief voor Stronghold.

Turandot (Abacus / daVinci Games)

Als een zeer recent en goedkoop alternatief voor Opera.

Fossil (Goldsieber)

Als alternatief voor Darwinci.

Cheops (Hans Im Glück)

Als alternatief voor Egizia.

Sindbad (Flying Turtle Games)

Als alternatief voor Tales Of The Arabian Nights.

Infernal Contraption (Privateer Press)

Als alternatief voor Fzzzt.

 

Ik heb ondertussen ook de kans gehad enkele spellen die in Essen verschijnen te spelen. Hieronder kort enkele bevindingen.

Modern Society (Tuonela Games)

Zeer interessant kaartspel dat wel wat gewenning vraagt en zijn innerlijke schoonheid pas onthult nadat u het laagje per laagje, uigewijs, hebt afgepeld. U gaat het dus tijd moeten geven. Hebt u dat kostbare goed, geef dit dan zeker een kans.

Tobago (Zoch)

Een prachtig, origineel familiespel dat zeer de moeite waard is, zowel wat betreft het uiterlijk als wat het binnenwerk aangaat. Bent u nogal familiaal aangelegd en laat u zich graag verrassen door een spel, sla dan gerust toe.

Atlantis (Amigo)

Voor deze maak ik nog even voorbehoud. Na enkele sessies ben ik nog steeds niet overtuigd. Ik heb het gevoel dat er maar één weg naar de overwinning leidt en dat is snelheid. Dat is niet veel. Nu is dat in een doorsnee bordspelrace ook het geval, dus waar maak ik me druk om. Ik kan me ook moeilijk voorstellen dat bewoners van een eiland dat onderhevig is aan een tsunami rustig keuvelend en genietend van het uitzicht naar het vasteland drentelen. Thematisch is dit dus heel geslaagd omgezet naar een spelsysteem.

Maar die hopen tegels die voortdurend weer moeten ingeleverd worden, dat is zo frusterend.

Endeavor (Z-Man Games / Lookout Games)

Waarschijnlijk weet u dit al, maar dit is een toppertje. U neemt geen risico hiermee, tenzij u naar Het Oud Nederlandsch Ganzenbord op zoek bent. Dit is uw euro’s meer dan waard. Heeft in mijn annalen nu al een hoofdstuk veroverd omwille van een der meest spannende sessies ooit. Eindstand: 53-53-52, waarbij de speler met 52 een strafpunt moet incasseren omdat hij een slavenkaart had afgelegd. Voor alle duidelijkheid: ik was het niet.

Tales Of The Arabian Nights (Z-Man Games)

Beleeft u liever dan u speelt, dan zou ik dit toch maar eens spelen. U gaat niet weten wat u overkomt. U onderneemt bedevaarten, verandert van geslacht, wordt opgesloten, wordt verliefd op mannen en vrouwen tegelijk, spreekt met honden, wordt opgelicht dat het niet mooi meer is en verandert  af en toe in een waanzinnige maniak. En als u pech hebt gebeuren al die dingen tegelijk. Als u geluk hebt mag u bepalen wat een andere speler moet doen tijdens zijn of haar beurt. Zeer interessant als u het mij vraagt.

Peloponnes + uitbreiding (Irongames)

Zeer goed en kort bied- en civilisatiespel waarin u inzet op gebouwen en landerijen. Acht beurten slechts en zeer leuk. Dat wil wat zeggen want ik hou niet zo van bieden.

U mag hier niet teveel foutjes maken. Doe dus niet zoals ik en waag u niet onmiddellijk aan gebouwen, koop eerst een beetje grond om ze op te zetten.

Er worden ook vijf rampen op u losgelaten waarvan u weet dat ze eraan komen, maar niet wanneer. Dat is spannend, al wordt risicovol gedrag soms beloond.

Als u dit aankoopt doe er dan onmiddellijk de uitbreiding bij. Zo hebt u nog meer keuzemogelijkheden. Ze heeft trouwens geen enkele invloed op de snelheid van het spel, tenzij u AP-ers aan uw tafeltje hebt zitten.

U kunt hier weinig mee misdoen.

Ra: The Dice Game (Abacus / Rio Grande Games)

Ik amuseer me hier al een tijdje rot mee, maar kostelijk voor wat geboden wordt aan spelmateriaal. Heeft ondertussen “Duur Dobbelen” als koosnaampje meegekregen.

Pocket Rockets (Hazgaard Editions)

De Pocket in de titel doet zijn naam alle eer aan. Past in uw binnenzak, zelfs in uw handpalm als u een dokwerker bent. Ondanks de bescheidenheid van omvang toch een erg leuk spelletje, echt iets voor op café. Op Spiel krijgt u bij aanschaf al onmiddellijk vijf bonuskaartjes mee.

Eenvoudige spelregels met toch ruimte voor (een beetje) diepte. Snel uitgelegd, snel gespeeld en snel herspeeld.

 

Beste medespeler, hier eindigt mijn Essen Vorschau. Ik hoop dat u er iets aan had.

Op donderdag en vrijdag ga ik ter plaatse schauen en ik hoop een aantal onder u tegen het lijf te lopen.

Tijdens het weekend zal ik hier mijn eerste bevindingen over de beurs posten.

Ik wil u op de valreep nog graag verwijzen naar enkele zeer interessante artikels die uw verblijf in Essen aanzienlijk kunnen vergemakkelijken. Lees ze nog snel even na voor u vertrekt:

http://spellengek.blogspot.com/

 http://debordspeler.web-log.nl/debordspeler/2008/09/spiel-survival.html

En Erwin Broens heeft zijn eerste impressies over de persdag al geplaatst. Uit de foto’s heb ik al kunnen afleiden dat A La Carte mét steelpannetjes wordt uitgeleverd. Voor ondergetekende een hele geruststelling.

http://www.bordspel.com/spiel2009.html

Nog één verzoekje heb ik voor u: kan iemand mij even laten weten waar en wanneer de demonstraties van Koe Zoekt Boer doorgaan?

Tot zaterdag!

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Achtundvierzig

Dungeonlords (Czech Games Edition)

Dungeon Keeper op karton, zo kun je deze titel het best omschrijven. In een vorig leven heb ik uren gesleten aan dat fantastische computerspel, waarin je naar hartelust kon martelen en je dienaren zelfs van opleidingscheques kon voorzien om zich tijdens de werkuren in dat martelen te bekwamen.

Dit is ook weer zo’n hebbeding van heb ik jou daar. Rijen dik gaan er staan aan standje 4-310, klaar om de Dungeon Of The Czechian Money Stealers te betreden.

Maar ik heb ondertussen de regels even doorgenomen en mijn aanvankelijk enthousiasme is toch wat getemperd. Meer dan 20 bladzijden om wat gehossebos in kerkers uit te leggen. Een hele hoop gedoe en gefrutsel weer, lijkt het. Ik vrees dan ook dat we gedoemd zijn tot lange wachttijden. En de leuke spanningsboog die het computerspel door de race tegen de tijd genereerde lijkt me hier toch enigszins afwezig. Kan ook moeilijk anders als je voor een kartonnen bord zit en met fiches aan de slag moet. Ik vrees dat dit concept dan ook best voor digitale media wordt gereserveerd.

Ook een beetje eng: de melding op de website van de uitgever dat dit spel eerder complex is en het meeste plezier verschaft aan gevorderde spelers. Dat is een eerlijk statement, maar ook een beetje jammer. En het contrasteert ook met het schattige artwork dat iets anders doet vermoeden.

Origineel: de evilometer, die bepaalt welke avonturiers uw kerker aandoen. Goeie vondst!

Maar, Czech Games Edition, hoe lang de rij avonturiers voor uw dungeon ook moge zijn, ik ga niet toehappen.

Ik ga Dungeon Keeper nog eens lekker inladen op mijn oude pc.

En dat, beste medespeler, is dan toch ook een verdienste van Dungeonlords.

Tot morgen!

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Siebenundvierzig

Egizia (Hans Im Glück)

Er is nog vrij weinig geweten over dit spel. Alleen dat we weer gaan bouwen. En dat we ons weer in gekke rokjes door het oude Egypte gaan bewegen.

Door de Westpark Gamers nu al verkozen tot spel van de maand, mede door de invloed van twee speltesters die het spel al veelvuldig hebben gespeeld. Dat laatste zou mij al een beetje achterdochtig stemmen maar uit ervaring weet ik dat het oordeel van de WPG zeer betrouwbaar is. Dat, gecombineerd met de naam Hans Im Glück, die meestal toch garant staat voor Duitse Degelijkheid, moet voldoende zijn om dit spel in Essen aan een nader onderzoek te onderwerpen.

We moeten mannetjes en vrouwtjes plaatsen op voorgedrukte vakjes op het spelbord, waarop de Nijl zich van zuidelijke naar noordelijke richting beweegt. En we plaatsen om te bouwen, maar ook om te overleven. Vooral dat laatste intrigeert.

De Farao, bouwheer van dienst, heeft ons opgedragen het enkele speeltjes op te richten. U weet wat dat betekent. Geen tuinhuisjes, maar het betere werk: piramiden, obelisken, sfinxen en tempels.

Snel aan het werk dan maar. Plaatsen dat werkvolk. Stroomafwaarts. Dat is belangrijk. Tegen de stroom in kan je geen personeel posteren. Dat biedt interessante blokkeringmogelijkheden, daar hoeft geen tekening bij. De rechteroever schenkt ons leuke dingen zoals extra arbeiders, irrigatiemogelijkheden, moestuintjes en bouwvergunningen. Wat op de linkeroever valt binnen te halen verschilt van ronde tot ronde, wordt onder de vorm van kaarten aangeboden en is naar het schijnt ook niet te versmaden.

Na de plaatsingsfase vraagt uw werkvolk geen spelen, maar brood. Als uw deegkneders en ovenstokers op dat moment met de handjes staan te draaien moet u overwinningspunten inleveren om ze aan het werk te zetten om uw personeel van een gewisse hongerdood te redden. Ik vermoed dat Agricolaspecialisten in deze fase bevoordeeld zijn.

Vervolgens leggen uw goed doorvoede handlangers stenen op elkaar die uiteindelijk met een beetje geluk op één van de hoger genoemde monumenten gaan lijken.

Na vijf ronden is het tijd om te tellen. U scoort voor monumentenbouw en het realiseren van bepaalde opdrachten. De winnaar wordt verder met rust gelaten, de verliezers worden naar eigen goeddunken op een of andere manier vernederd. Voor straf ook in het echte leven een tijdje met die gekke rokjes rondlopen bijvoorbeeld. Het is maar een idee.

Ik zou deze, samen met mij, in de gaten houden als ik u was.

Tot morgen!

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Zechsundvierzig

Ra: The Dice Game (Abacus / Rio Grande Games)

Dit spelletje is al even uit, maar ik wil het hier toch even over hebben.

Om de eenvoudige reden dat dit één van de beste dobbelspellen is die ik de laatste jaren heb gespeeld.

U dobbelt met vijf dobbelstenen, elk in zijn eigen kleurtje. U mag dat tot drie keer na elkaar. Interessante stenen legt u even apart en met de rest gooit u gewoon opnieuw. Afhankelijk van het resultaat kunt of moet u een aantal dingen doen. Zonnen moeten voor de Ra-figuur worden geplaatst (zij bepalen hoever de Ra-figuur zich verplaatst op het epochespoor, Schepen laten je toe je te verplaatsen op het Nijlspoor en met een beetje geluk mag je de Nijl ook laten overstromen (levert maximaal 12 punten op), farao’s laten je toe je te verplaatsen op het faraospoor (om 5 punten te scoren als je vooraan staat of te voorkomen dat je 2 minpunten “scoort” als je achteraan bengelt), bevolking laat je toe stenen te plaatsen op de beschavingsvelden, afhankelijk van de kleur die je hebt gegooid (om te scoren of toch minstens minpunten te voorkomen) en piramiden laten je toe – inderdaad – piramiden te plaatsen in het piramidenvak, ook afhankelijk van de kleur die je hebt gegooid (om hopelijk een massa punten te scoren op het einde van de derde epoche).

Liggen er na het gooien drie zonnen voor Ra op het epochespoor krijg je gewoon drie punten. Ankhsymbolen gebruik je als joker en zijn dus zeer gegeerd. Twee Ankhsymbolen leveren je ook twee punten op.

Gooi je vier of vijf zonnen mag je een ramp op je medespelers loslaten. Ze moeten stenen verwijderen van het bord (piramiden –of beschavingsvelden) of achteruitzetten (faraospoor en nijlspoor).

Je beurt wordt afgesloten door de Ra-figuur maximaal één of twee vakjes vooruit te zetten (gegooide zonnen). Als er meer dan twee zonnen zijn gegooid blijft hij gewoon staan. Bereikt hij het eindveld is de lopende epoch ten einde (we spelen er drie) en volgt er een tussentelling op het faraospoor, het Nijlspoor en de beschavingsvelden. De speler die het verst gevorderd is op het faraospoor krijgt 5 punten, de minst ver gevorderde –2. Op het Nijlspoor krijgt elke speler die de Nijl heeft laten overstromen evenveel punten als de punten die op het veld staan aangegeven (max. 12) en op de gekleurde beschavingsvelden worden er punten uitgedeeld naargelang de aanwezigheid van stenen van de spelers. Geen aanwezige stenen staat gelijk aan 5 strafpunten, voor drie tot vijf stenen scoor je 5 tot 15 bonuspunten. De piramiden worden pas gescoord na de derde epoche. Zij leveren punten op voor elke rij waarin je een steen hebt staan en vanaf drie stenen in een kolom krijg je er nog bonuspunten bovenop.

Het gaat vooruit en het is lekker overzichtelijk. In één oogopslag zie je wat er aan de hand is, waar het gevaar loert en waar je het best aan de slag gaat. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Roll Through The Ages, dat ik trouwens ook goed vind, maar waar het toch moeilijker is om na te gaan wat iedereen op zijn scoreblaadjes aan het doen is. Hier kijk je naar het centrale bord en heb je een totaalbeeld van de strijd. Want dat is het. Er wordt lekker in conflict gegaan met elkaar.

De Ra-figuur zorgt ook nog voor de nodige spanning. Gaat hij nu vooruit of niet? Kom ik misschien toch nog een keertje aan de beurt? Leuk.

Minder leuk is de prijs van dit spelletje. 30 euro is wat overdreven voor wat hier aan spelmateriaal wordt geboden. Maar, zoals een medespeler verwoordde, als het veel op tafel komt is de prijs minder relevant. Nagel op de kop, Tom! En dit gáát bij mij veel op tafel komen.

De gele dobbelsteen is geen goede keuze. De witte afbeeldingen erop zijn niet echt goed te onderscheiden, maar met een korte initiatie “creatief met dobbelstenen” valt dit te verhelpen. Maar je blijft je toch afvragen wie met dit soort briljante ideeën op de proppen durft komen.

Ra is een goed spel, maar ik heb het gevoel dat Ra: Het Dobbelspel ervoor gaat zorgen dat het minder uit de kast komt. Het dobbelspel is trouwens ook erg leuk met z’n tweeën en dat kan van grote broer echt niet gezegd worden.

Dit spel heeft trouwens ten huize van nog maar eens aangetoond hoe handig het deksel van een schoenendoos is tijdens het spelen van dobbelspellen.

En het doet mij ook steeds weer denken aan die monsterhit van The Bangles: Throw Like An Egyptian.

Aanrader!

Tot morgen.

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Funfundvierzig

Chaos In The Old World (Fantasy Flight Games)

Warhammer goes Euro! Geen dobbelsteenfestijn, al wordt er meer gedobbeld dan gemiddeld, maar zowaar een poging tot het integreren van het betere bordspel in het Warhammer-universum. Wie zich al eens in dat universum begeeft weet hoe Warhammer zich tot bordspellen verhoudt. Die twee gaan eigenlijk niet goed samen.

Maar ik moet toegeven dat er hier toch sprake is van een begin van een integratieproces. Het blijft, Warhammer getrouw, allemaal erg bloederig en – tot op zekere hoogte toch – min of meer beangstigend, maar u moet al niet meer met van die dikke naslagwerken en linialen aan de slag om te berekenen hoeveel schade eenheid A toebrengt aan eenheid B, rekening houdend met de afstand, het terrein waarop zowel eenheid A als B zich bevinden, de snelheid van bewegen van eenheid B, de windrichting en tenslotte de moraal en de handigheid van de bediener van het toestel waarmee het projectiel door eenheid A in de richting van eenheid B wordt afgevuurd. Waarmee onmiddellijk duidelijk wordt waarom ik mij nooit in het Warhammeruniversum heb gewaagd.

De protagonisten (zogenaamde chaoasgoden) die u speelt dragen fantasierijke namen zoals Khorne, Nurgle, Tzeenth en Slaanesh. Nu maar hopen dat onze bekende Vlamingen hier geen ideetjes opdoen voor de naamkeuze van hun pasgeboren spruiten. Heilige Simpel, God van de eenvoud, bewaar ons daarvoor.

U leest het, het is er allemaal een beetje over, maar in het Angelsaksisch taalgebied gaat men hiervoor helemaal overstag. Getuige hiervan het feit dat het spel toch maar leuk doorgestoten is tot in de top 100 op BGG. Dat wil wat zeggen. En dat geeft aan dat we misschien toch onze loep eens op dit spel moeten zetten.

We hebben nog steeds te maken met een regelwerk van een dikke 30 bladzijden en de vloed regelvragen op BGG beloven niet veel goeds, maar Warhammer wordt hier toch al wat interessanter voor de gemiddelde bordspeler. Zo hebben de vier goden in dit spel elk hun eigen overwinningsvoorwaarden. Als geen van de vier erin slaagt op zijn eigen onnavolgbare wijze de buit binnen te halen gelden de behaalde overwinningspunten, maar enkel en alleen als er eentje de 50-puntengrens heeft overschreden. Het trekken van bepaalde kaarten triggeren ook het speleinde. Heeft er op dat moment geen enkel chaotisch type aan een overwinningsvoorwaarde voldaan verliest iedereen. Dat zijn leuke dingetjes, vooral als u op dat moment nogal chaotisch achteraan bengelt.

Goed, u moet weer uitmoorden en het bloed stroomt bij beken het spelbord af, maar daar moeten wij vredelievende eurogamers ons gewoon bij neerleggen. Moord en doodslag en bloed en afgerukte ledematen horen nu eenmaal bij Warhammer zoals mijn nederlagen bij Caylus. Ze zijn onafscheidelijk.

Hieronder een introductiefilmpje. Ik moet u wel waarschuwen. De introductie wordt gedaan door een van de meest zelfvoldane bordspelers die ik ooit heb mogen aanschouwen, en dat zijn er toch al wat. Ik kon het niet helemaal uitzitten. Als u dat wel kunt verdient u een medaille. Al zult nu niet de enige zijn. Zo te zien aan de reacties op dit filmpje op BGG zijn er nog die dat hebben klaargespeeld en daarbovenop nog zijn klaargekomen ook.

http://www.vimeo.com/6323690

Misschien ligt het gewoon aan mij, en ben ik uiteindelijk toch te oud geworden voor deze hobby.

Squaredansen dan maar?

Tot morgen!

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Vierundvierzig

The Adventurers (Alderac Entertainment Group)

Tja, wat moeten we nu hier van denken? Vooral van die grote bol die de ingame shots op BGG siert. Een bolvormige gimmick dus. En u weet hoe ik over gimmicks denk.

Ik waag me aan een paar kernwoorden: familiespel, kort, mooi, chaos, taktiek, lage herspeelbaarheid en volgens welbepaalde bronnen op BGG is mits een beetje inspanning het resultaat van elk spel perfect voorspelbaar. Het is dus te kraken. Vraag me niet hoe – ik ben daar veel te dom voor – maar het kán blijkbaar. En dat verontrust.

U onderzoekt een of andere tempel, laadt alle beschikbare rugzakruimte en mogelijk ook lichaamsopeningen vol met alles wat maar enigszins waarde heeft en probeert vervolgens uw vege lijf te redden. Uw aanwezigheid heeft immers een aantal valstrikken in gang gezet. Muren die op elkaar afkomen bijvoorbeeld, of die grote gangbrede uit massieve rotsen gehouwen bol uit de inleiding die doodleuk uw richting komt uitgerold. Tot overmaat van ramp wordt, ondanks alle hectiek, van u verwacht dat u bepaalde symbolen, die gekerfd staan in de muren die op u afkomen, memoriseert. Kwestie van te weten welke tegels u mag betreden wilt u uw bezoekje aan de lavakamer kunnen navertellen. En die symbolen lijken erg op elkaar. Heel erg.

U zult uw beide ellebogen nodig hebben om de uitgang levend te halen, zij het via de ondergrondse rivier (die onherroepelijk leidt naar de clichéwaterval), de vermolmde clichéloopbrug (had u maar eerder aan uw BMI van 45 moeten denken) of de weg helemaal terug door de donkere clichégangen, achtervolgd door die uit de kluiten gewassen rolbol.

U kunt hiervan ook proeven in het echte leven, in Bobbejaanland of Walibi bijvoorbeeld. En daar wordt u echt nat. De kans dat u het daar overleeft is ook aanzienlijk groter. Al durf ik voor Bobbejaanland mijn vingers niet in het vuur te steken.

Mooi, heel mooi. Maar komt na sessie één niet meer op tafel vrees ik.

Tot morgen!

Dominique

Spiel 2009 Vorschau: Teil Dreiundvierzig

Pocket Rockets (Hazgaard Editions)

In dit alleraardigst kaartspelletje bouwt u raketten met gelijksoortige onderdelen, tankt ze vol met een mengsel van amoniumperchloraat (69,6%), aluminiumpoeder (16%), ijzeroxide (0,4%), polymeer (12,04%), epoxy (1,96%) en lanceert ze. Op het einde van het spel scoort u punten voor de volledige en gelanceerde toestellen en de aanwezige brandstof. Daar worden, als u het een beetje slim hebt aangepakt, ook nog bonuspunten aan toegevoegd.

U bouwt, lanceert en tankt door het spenderen van actiepunten aan de bovengenoemde handelingen. Vier actiepunten vormen uw basis, met een beetje geluk kunt u er meer verdienen tijdens het spel. Meer is het niet.

Maar minder ook niet.

Het aftellen begint hier ongeveer op 20 minuten. Dit speelt dus ook met de snelheid van een raket. Dit is dus vulsel. Maar vulsel van het betere soort. Donsveertjes tegenover synthetisch materiaal zeg maar.

Op Spiel worden er al onmiddellijk vijf bonuskaarten gratis aan het spel toegevoegd. Het lijkt een nieuwe trend te worden, uitbreidingen die al onmiddellijk samen met pas verschenen spellen worden uitgeleverd. Ik speur een trend. Peloponnes doet hier immers ook aan mee – een aanrader trouwens, later hierover meer – en ook Atlantis heeft al onmiddellijk scheepjes in de aanbieding. En als u een beetje zoekt zult u er ongetwijfeld nog van dat slag vinden. We leven in een gekke wereld.

Dat u als een raket naar stand 12-64 moet schieten is nu ook weer wat overdreven. Maar als u een snelle, lichte (letterlijk en figuurlijk) en goeie voor tussendoor wilt vormen de coördinaten 12-64 mogelijk wel een mooie landingsstek.

Maar wel voorzichtig met dat amoniumperchloraat.

Tot morgen!

Dominique