Ticket to Garden

Bent u nog op zoek naar een goed familiespel voor onder de kerstboom?

Aangenaam, Sanssouci is de naam.

In Sanssouci, een bordspel voor 2 tot 4 spelers, legt u een tuin aan waarin het voor edelen aangenaam toeven is.

U doet dat door het uitspelen van 18 kaarten, waarbij u er altijd slechts 2 op hand hebt. Afhankelijk van welke kaart u uitspeelt mag u een tuinupdate van het centrale bord nemen. Dat kan een fonteintje zijn, of een prieeltje, of een bloemenhaag en meer van dat moois.

Vervolgens plaatst u de verfraaiing, een tegeltje, op uw hoogstpersoonlijke spelersbord dat uw tuinproject voorstelt. Het moet op de door uw speelbord aangegeven plaats, t.t.z. zowel op het voorgedrukte zelfde symbool als op de kleur van de plaats waar u de tegel op het centrale bord hebt opgepikt. U hebt dus weinig speelruimte.

Waar u op moet hopen is dat u een kaart kunt uitspelen waarvan het symbool op geen enkele uitgelegde tegel staat. Dan mag u immers een tegel naar keuze nemen, wat uw tactische mogelijkheden aanzienlijk vergroot.

Kunt u de legregels niet volgen mag u de tegel omdraaien en met de tuinman zijde naar boven op een vrij veld in dezelfde kolom of rij leggen.

Daarna mag u een van de 9 edellieden die u met een tuinbezoek vereren laten wandelen, neerwaarts en zover u wil. Ze moeten wel een aaneengesloten pad volgen en ze mogen niet eindigen op een tuinman tegel. Het plebs en de adel gaan immers niet zo goed samen. Ze moeten ook nog eens eindigen in de kolom waarin ze oorspronkelijk stonden, al zijn omwegen over tegels in andere kolommen toegestaan. Vervolgens scoort u de punten van de rij waarin de edelman of -vrouw eindigde. Dat scoren doet u op het scorespoor van het centrale speelbord. U geeft met een 50 en 100 puntenkaartje aan dat u die grenzen hebt overschreden.

Van zodra de laatste speler zijn 18de kaart heeft uitgespeeld is het spel afgelopen.

Op het einde scoort u nog bonuspunten voor volledig afgewerkte rijen en kolommen en voor de opdrachtkaarten die u bij spelaanvang kreeg toebedeeld.

Bent u een gevorderde tuinaannemer kunt u gebruik maken van een groot uitbreidingsveld dat uw toekomstige tuin deels overdekt. Dan kunt u extra bonuspunten verdienen door de voorgedrukte uitbreidingen te bouwen, maar ook strafpunten als u bepaalde velden met tuinmannen bedekt.

Sanssouci, beste medespeler, is een ideaal spel voor onder de kerstboom. Het is erg tactisch, speelt vlot, heeft een lekkere tactiele teint en is gewoon erg plezierig om te doen. En het is nooit zeker wie uiteindelijk met de overwinning aan de haal gaat. De lekkere tactiele teint komt door de aangename dikte van de tegels, al mochten ze wat mij betreft een beetje groter zijn.

Gek dat een spel met zoveel plaatsrestricties zoveel interessante afwegingen biedt. Weinig speelruimte schreef ik hierboven, maar u krijgt wel veel speelplezier in ruil. Hebt u Wikinger van dezelfde auteur al gespeeld voelt u zich onmiddellijk thuis.

In de subgroep ‘u moet het tijdens uw beurt met 2 handkaarten doen’ steekt Sanssouci concurrent Kingdom Builder zonder enige moeite in zijn fraaie achterzak.

Sansoucci is een mooi afgewerkt en licht verslavend familiespel waarmee u zonder veel problemen uw genetische verwanten naar de speeltafel kunt lokken. En als u een spelmissionaris bent, zo’n eigenaardig type wiens enige levensdoel is om iedereen aan het spelen te krijgen, moet u hiervoor dringend plaats maken in uw kofferbak.

Dit is zonder enige twijfel het beste tegel aanlegspel dat Spiel 2013 te bieden had.

Dominique

 

Sanssouci

Ravensburger (2013)

Michael Kiesling

2 tot 4 spelers vanaf 8 jaar

45 minuten

 

Overleven voor gevorderden

Zoals elk jaar, beste medespeler, heb ik bij mijn Spiel 2013 voorbeschouwing een fout gemaakt. Een grote. En mogelijk bent u daar het slachtoffer van geworden.

Ik had namelijk geen koopadvies gegeven voor het coöperatieve bordspel Carnival Zombie. Dat had dus wél een koopadvies moeten zijn.

Ik ledig de kelk maar gelijk tot op de bodem door even te citeren uit mijn koopwijzer:

“Een erg interessant thema met een leuk dag- en nachtmechanisme, maar het blubberige spelbord gaat het spelplezier uiteindelijk in de weg zitten. Ook de confrontatie met de slechterik die alles in gang heeft gezet wordt u onthouden. U bent in dit spel gewoon een lafaard die zo snel mogelijk de stad uit wil, ver weg van het gevaar. Geef u maar het heldendom.”

Voor mensen die gerechtelijke stappen willen ondernemen: het bewuste advies verscheen op 19 oktober 2013 op deze eigenste plaats en u kunt het gemakkelijk afprinten voor juridisch gebruik. Vooraleer u verdere stappen onderneemt wil ik u er wel op wijzen dat ik in de rechtbank ter verdediging zal aanvoeren dat ik u op Spiel een niet onaanzienlijke som geld heb helpen besparen. Misschien dat een begripvolle rechter, de crisis indachtig, deze argumentatie bij het bepalen van zijn vonnis toch in overweging neemt.

Tot de bodem, schreef ik hierboven. Kruipend door het stof zal ik hieronder aangeven hoe verkeerd ik wel was. Het doet pijn – ik had nu liever een compilatieaflevering van de hoogtepunten uit Baywatch bekeken – maar het kan niet anders. Ook mijn gemoedsrust heeft zijn rechten.

Waar liep het fout?

Laat ik maar gelijk de bom droppen: Carnival Zombie is het beste coöperatieve spel van 2013.

Zo, het is eruit.

Venetië, in een niet nader genoemd tijdsgewricht (al meen ik op een bepaald spelonderdeel het jaartal 2048 te hebben waargenomen). Wat we wél weten is dat het carnaval is, dat we maskers dragen en lekker uitgedost zijn in gekke, kleurrijke pakjes. Naarmate de festiviteiten vorderen beginnen we een aantal eigenaardigheden bij sommige feestvierders op te merken. Een strompelende manier van voortbewegen bijvoorbeeld. Hún kostuumpjes zien er ook nogal rafelig uit, en zitten vol rode vlekken. En achter hun maskers is eerder ingehouden gegrom te horen dan gezellige feestvierderpraat.

Uw Italiaanse lire – misschien zitten we nog in dát tijdsgewricht – valt pas echt op het moment dat u een van die eigenaardige sujetten een hapje uit de hals van een feestganger ziet bijten.

U beseft dat u daar weg moet, en liever gisteren dan vandaag.

Gelukkig staat u er niet alleen voor. Nog vijf andere ongelukkigen willen samen met u de stad uit. Maar aangezien u niet over aangepast, laat staan snel, vervoer beschikt is uw inschatting dat u daar minstens enkele dagen voor zult nodig hebben.

Voor dit soort toestanden, medespeler, is het woord hopeloos uitgevonden.

Aangezien het enkele dagen zal duren vooraleer u Venetië zult kunnen verlaten moet u ook enkele nachten incalculeren. Jammer genoeg. Want ’s nachts, beste medespeler, komt het hoger genoemde gespuis en masse en met een relatief grote snelheid afgestormd op het geïmproviseerde kampement dat u in het centrum van de stad hebt opgetrokken. En tot uw afgrijzen worden ze aangevoerd door vreselijke creaturen, als daar zijn Bestiarius, De Meesteres, Tenor, De Joker, Casanova, De Doge, De Admiraal en De Martyr. Bovenop de veel grotere schade die ze kunnen toebrengen als ze u te pakken krijgen hebben ze elk nog eens een eigenschap die uw broeknaad extreem onder druk zal zetten.

Gelukkig hebt u wapens – geen dobbelstenen in dit zombiespel, wat een verademing – waarmee u een en ander kunt omleggen en vanuit uw persoonlijke backpack kunt u nog extra hulpmiddelen en wapens tevoorschijn toveren.

‘s Nachts kunt u maar één ding: proberen stand te houden. Door lijf- aan lijfgevechten met de zombies en hun aanvoerders aan te gaan of ze van op afstand neer te knallen. Lijf aan lijf als ze uw zorgvuldig opgeworpen barricades doorbreken, op afstand als u de juiste wapens ervoor hebt of als u toevallig Lady Columbine heet, de sluipschutter van dienst.

Loopt u schade op gaat uw stress de hoogte in, mogelijk met rampzalige gevolgen. Brengt u de zombies schade toe deponeert u hun lichamen op de grafzerk, waarover later meer.

Soms hebt u geluk en slaagt u erin een zeldzame overlevende te redden die u later in het spel kan bijstaan.

Uw stressmeter moet u goed in de gaten houden. Als die letterlijk in het rood gaat wordt uw actieradius aanzienlijk beperkt en als u helemaal over de rooie gaat kunt u helemaal niks meer, tenzij uw medespelers acties spenderen om u weer overeind te helpen.

Overdag kunt u, voor even toch, opgelucht ademhalen. U trekt de stad in, op zoek naar een van de drie ontsnappingsmogelijkheden. Een boot of luchtschip is dan een handige optie. U kunt eventueel ook de brug over. Als u er niet tegenop ziet om een hopeloze missie aan te gaan kunt u proberen de Leviathan, het gedrocht dat aan de basis ligt van al uw miserie, uit te schakelen door De Heilige Bom tot ontploffing te brengen (ervan uitgaand dat u die vindt).

Overdag kunt u ook uw barricades herstellen, op zoek gaan naar wapens en gereedschap, ontstressen en uw speciale karaktereigenschap gebruiken – Doc Pestilence is een karakter dat u absoluut in leven moet zien te houden – a rato van 1 actie per uur. Om een of andere duistere reden tellen de dagen en nachten in Venetië slechts 4 uren. U beseft dat elke beslissing die u neemt weloverwogen moet zijn. Ook het bewegen van de groep richting eindlocatie, alwaar het eindspel wordt ingezet, kost tijd. In Carnival Zombie, medespeler, hangt het welslagen van uw ondernemen con-stant aan een zijden draadje.

Heb ik het al over de paranoia onder uw teamleden gehad? Paranoia manifesteert zich onder de vorm van zwarte blokjes. Zombies ruiken paranoia, want als uw team eraan wordt blootgesteld reageren ze als een school piranha’s die vers bloed hebben geroken.

Gek toch hoe een spel waarin zombies zich manifesteren als houten blokjes, kegeltjes en cilindertjes u zo de stuipen op het lijf kan jagen. Hun simplistische verschijningsvorm wordt echter ruimschoots gecompenseerd door de illustraties van het schorem op het spelbord. Eindelijk, eindelijk nog eens een spel waarbij u zich ongemakkelijk voelt door er alleen maar naar te kijken. Echt goor zijn ze, de zombies, en dat gegeven wordt alleen maar versterkt door de carnaval kledij die rafelig om hun ledematen hangt.

Heb ik het trouwens al gehad over de grafzerk? Misschien wel de leukste vondst van het spel. Als er zombies worden gedood moet u ze laten vallen op DE GRAFZERK, ook wel toepasselijk ‘the Pile of Corpses‘ genoemd. Dat mag van 1 mm hoogte als u dat wenst, als ze maar vallen. De zombies die naast de grafzerk terechtkomen keren onmiddellijk terug naar het speelbord. U gaat lachen als u de grootte van de zerk ziet. Dat klaart u wel even. Tot u in de loop van het spel tot de verbijsterende vaststelling komt dat het laten vallen van een blokje van op een hoogte van 1 mm op tientallen andere blokjes een kettingreactie in gang kan zetten van heb ik je daar. Ik heb nog nooit bomen van kerels zo zien beven als tijdens de grafzerkfase in Carnival Zombie. Dat komt natuurlijk ook door uw medespelers, die u tijdens deze fase op de vingers zitten te kijken als lagen ze onder een elektronenmicroscoop. Als uw stressmeter in het rood staat kan een mislukte dropping immers uw ganse missie op de helling zetten. Want niet alleen ùw stressmeter schiet de hoogte in, ook die van uw medespelers. Heer-lijk.

Puntjes van stoelen, ik zit er niet graag op. Maar tijdens het spelen van Carnival Zombie was de spanning zodanig te snijden dat ik mezelf steeds weer achteruit moest schuiven of ik was van mijn zitplaats gedonderd en met mijn kinnebak op de tafelrand terechtgekomen.

Zombicide is tóch beter, hoor ik u al poneren, en ik riposteer onmiddellijk: Zombiwie?

Medespeler, ik blijf bij mijn opmerking over het blubberige spelbord. De rest neem ik allemaal terug.

Geen dobbelstenen, alleen maar karakterkaarten, actiekaarten, gebeurteniskaarten, blokjes, cilindertjes, kegeltjes, een fiche hier en daar en uw eigenste zelf die u koste wat kost moet zien te redden. En een verdomd goed verhaal met een afloop die vier richtingen uitkan, afhankelijk van waarvoor u wilt gaan. Dat is Carnival Zombie.

Voor dit spel mag u mij ‘s nachts komen wakker maken.

Maar doe wel voorzichtig.

Dominque

 

Carnival Zombie

Albe Pavo / Raven Distribution (2013)

Matteo Santus

1 tot 6 spelers vanaf 12 jaar

120 minuten

 

A fighting game for intellectuals it is.

“8 Masters’ Revenge is a fighting game for 1 to 4 players.”

Zo staat het in het vet afgedrukt op de achterzijde van de doos. Veel meer informatie vonden de jongens en meisjes van Serious Poulp Games niet nodig. Het spel moet maar voor zich spreken, moeten ze hebben gedacht.

Lieve medespeler, dit spel praat niet, het schreeuwt! Net zoals uw dienaar gisteravond toen hij twee keer zwaar tegen het canvas ging.

Toch maar even wat meer over de setting.

U bent een ervaren beoefenaar van de oosterse gevechtskunsten, gespecialiseerd in de techniek der blote handen. Uw ervaring hebt u opgebouwd in ver afgelegen opleidingskloosters alwaar u met Spartaanse hard- en rand sadistische nauwkeurigheid werd ingewijd. Facebook, Twitter, Google en bordspellen zijn u totaal vreemd. Voor vrouwen hebt u geen geld en geen tijd. Het enige wat u wilt en kunt is meppen en trappen. Op -tig manieren.

En nu staat u weer klaar voor uw zoveelste gevecht, in een tornooi waaraan 8 Facebookloze, Twitterloze, Googleloze, bordspelloze en vrouwloze specialisten deelnemen.

Zoiets moet het ongeveer zijn want achtergrondinformatie is op de doos en in het spelregelboekje ver te zoeken. Zo ver dat u ze niet vindt.

U begint het spel met 2 groetkaarten op uw persoonlijke spelbord. U buigt als het ware met veel respect voor uw tegenstander. Deze groetkaarten worden al snel vervangen door gevechtskaarten als u de aanval kiest. Dan legt u een kaart aangrenzend aan een reeds liggende kaart waarna de kaart aan de overkant wordt weggenomen en schade toebrengt (er liggen altijd 2 kaarten aangrenzend op uw spelersbord). Daarbovenop wordt bij het verwijderen de eigenschap van die kaart geactiveerd. Dat kan bijvoorbeeld het verschuiven van uw 2 kaarten zijn, waardoor u uw aanvalsmogelijkheden vergroot – wordt u naar het hoekje van uw spelbord gedrongen moet u immers beginnen oppassen. Het kan bijvoorbeeld ook een extra schadefiche zijn die u op een kaart of een kaartveld kunt leggen waardoor uw tegenstander extra schade oploopt als hij de kaart in kwestie activeert of een kaart op dat kaartveld uitspeelt. En zo hebt u nog veel meer mogelijkheden om het uzelf makkelijk en uw tegenstander moeilijk te maken.

Om een geslaagde aanval te plaatsen moet u wel aan de bak. Uw aanvalskracht moet immers exact dezelfde zijn als de verdedigingskracht van uw tegenstander. Die bepaalt u door de totaalwaarde van de twee binnenste getallen op uw kaartduo te vergelijken met de totaalwaarde van de twee buitenste getallen van het kaartduo van uw tegenstander. Is dat dik in orde kan uw tegenstander nog blokkeren of counteren. Blokkeren kan enkel met een openliggende kaart in dezelfde kleur als de aanvalskaart – u schuift ze achteruit naar uw afweerzone – en counteren doet u door een drakenkaart aan een reeds openliggende drakenkaart uit te spelen. Blokkeren voorkomt 1 schadepunt maar maakt het u moeilijker tijdens de volgende ronde (u zit immers in verdediging waardoor u twee extra schapunten oploopt als uw tegenstander later weer een tik uitdeelt met een kaart in dezelfde kleur), counteren houdt alle schade tegen.

Als u niet aanvalt kunt u ervoor kiezen twee handkaarten te trekken van de lekker dikke trekstapel. Als u dat doet recupereert u een beetje en mag u (schade)fiches op uw spelbord gaan verplaatsen, van kaart naar kaart of van kaartveld naar kaartveld. U laadt zich als het ware weer op voor de volgende beurt.

Als u heel slim vecht en u hebt een paar als aanval uitgespeeld (bv. 1,1) krijgt u onmiddellijk een extra beurt. Als u in die beurt voor de kaarttrek actie kiest mag u slechts 1 kaart op hand nemen. Het moet nu ook niet te gortig worden.

Wiens markeerfiche als eerste het doodshoofd symbool op zijn schadespoor bereikt bijt in het zand. Eén troost: de man of vrouw in kwestie heeft zich tijdens zijn of haar aftakelingsproces enorm geamuseerd.

8 Masters’ Revenge is een vechtspel voor de intellectuele agressieveling, want hier zitten zoveel slimmigheden in dat u van goeden huize moet zijn om als overwinnaar de arena te verlaten. Alles is leuk aan dit spel: de vormgeving, het handkaartenmanagement, de snelheid van spelen, de spanning, de 5 minuten speluitleg, het groot revanchegehalte, de speciale eigenschappen van uw karakters, de aan diepte gekoppelde eenvoud, de erg geslaagde thematische omzetting – u voelt zich echt als het ware om uw tegenstander heen draaien, zijn zwakke plek zoekend om op het juiste moment toe te slaan -, de kaarteigenschappen, het blokkeren, het counteren en – geloof het of niet – de zeer geslaagde solovariant.

Degelijk speelbaar met z’n drieën of met z’n vieren, maar pas in een Hanabistisch vuurwerk van 25 punten exploderend met z’n tweeën.

8 Masters’ Revenge Is op zeer korte tijd opgerukt naar plaats 197 in mijn persoonlijke top 2000. Dat, medespeler, wil wat zeggen. Ondanks zijn 1 tot 4 spelers spanwijdte is dit dan ook een grote kanshebber voor het beste 2-persoonsspel van 2013. Of het dat ook wordt leest u binnenkort in de ‘De Tafel Plakt! Awards 2013’.

Dominique

 

8 Masters’ Revenge

Serious Poulp Games (2013)

Ludovic Roudy en Bruno Sautter

1 tot 4 spelers vanaf 10 jaar

30 minuten

 

Ticket to Asia

Medespeler,

U weet het misschien al langer, maar ook in de Benelux wordt er een kampioenschap georganiseerd in het kader van het Wereldkampioenschap Ticket To Ride van Days of Wonder.

Spellenclubs, -verenigingen en -winkels mogen allen een voorronde organiseren (mits een minimum van 8 deelnemers) en elke spellenliefhebber boven 18 jaar mag deelnemen!

Elke deelnemer krijgt een exclusieve Ticket To Ride-goodie van Days of Wonder en maakt kans op een Golden Ticket naar de Benelux-finale in mei 2014. Wie daar als winnaar uit de bus komt, mag in september 2014 meedingen naar de titel van Wereldkampioen Ticket To Ride met als hoofdprijs een prachtige reis van 9 dagen en 8 nachten in Azië, waarvan 3 nachten aan boord van de luxueuze Eastern & Orient Express.

Wie een kwalificatietornooi wil organiseren, kan voor meer info terecht op beneluxchampion@gmail.com.

Spellenliefhebbers nemen best een kijkje op de onderstaande facebookpagina waar alle tornooien gaandeweg bekend gemaakt zullen worden!

https://www.facebook.com/beneluxkampioenschap

Om u enige kans te geven deze prijs te winnen, beste medespeler, beloof ik u plechtig – echter niet zonder enige spijt – niet aan dit kampioenschap deel te nemen.

All Aboard!

Dominique

 

Origineel!

Gisteravond had ik het genoegen weer een zeer geslaagde Asmodee Nocturne – ik schrijf Nocturne hier bewust met een hoofdletter – te mogen meemaken.

Er lag weer heel wat lekkers op tafel, zowel op spel- als cullinair gebied. Doel van de avond was ons te laten kennismaken met het ESSENtiële en daar slaagde Asmodee met vlag en wimpel in.

‘Ramapage!’ lag op tafel, en Lewis & Clark, en S.O.S. Titanic, en Expedition Northwest Passage, en Corto, en Cappucino, en Sultanya, en Templar, en Speculation, en ‘Dark, Darker, Darkest’, en Jungle Speed Safari, en Pepperoni Party, en Koryo, en Relic Runners, en Ticket to Ride Nederland, en Blockers, en Spyrium, en Prosperity, en Mascarade, en Nonsense, en Family. En ik vergeet er mogelijk nog een paar.

Kijken, spelen, lekker bijpraten.

En ontdekken.

Want ik werd erg aangenaam verrast door het bordspel Origin.

Origin, een bordspel voor 2 tot 4 spelers, stelt u in de gelegenheid het ontstaan van de beschaving nog eens losjes over te doen.

Wij speelden de jumboversie, met stampionnen waarmee je mits goed mikwerk een grizzly van 600 kg zonder enige moeite neerlegt. Gelukkig hadden we een mooie assistente tot onze beschikking die ons op eenvoudig verzoek de gewenste pionnen aangaf. U kunt immers kiezen uit witte, bruine en zwarte en lange, korte, dunne en dikke.

Die pionnen plaatst u op een rudimentair voorgestelde wereldkaart met als centraal punt midden Afrika, zo ergens waar u rond deze tijd Ethiopië kunt aantreffen. Als u durft tenminste.

Op het moment dat wij beginnen te spelen is alles nog rustig. We staan immers aan de wieg van de beschaving en we gaan de mensheid doen vermenigvuldigen en uitzwermen naar alle continenten, over land of over zee. We mogen kiezen waarmee we uitbreiden – de dikke, dunne, lange, korte, bruine, zwarte en witte pionnen van hierboven – en we moeten dat doen in een leeg aangrenzend gebied van een reeds geplaatste pion. Van welke speler die is maakt niks uit, u mag. Wat u niet mag is het nieuw geplaatste mannetje met meer dan één kenmerk laten afwijken van het aangrenzende. Dat geldt zowel voor kleur als grootte als dikte. Na plaatsing markeert u de stampion met een schijf van uw kleur. Die schijf – men vraagt u een beetje fantasie – symboliseert een dorp.

Afhankelijk van waar we ons mannetje plaatsen krijgen we wat lekkers toegestrooid. Een actiekaartje hier, een opdrachtkaartje daar (we hebben er bij spelaanvang al eentje op hand), een permanente vaardigheid ginder, of een jachtfiche als we bosrijk gebied exploreren of overzee gaan, of innovatiefiches die ons kampniveau aangeven (opkrikbaar tot vijf). Dat kampniveau – u moet per kamp beginnen met één en chronologisch opbouwen naar vijf – bepaalt ook welke actiekaarten u tijdens uw beurt kunt uitspelen.

In plaats van een nieuw mannetje in te brengen mag u een reeds geplaatst mannetje ook verplaatsen. Hoe langer uw mannetje is, hoe verder u komt. U mag zelfs ruilen met een aangrenzende stampion. Dan is de dikte van belang. Hoe dikker, hoe sterker. Ruilen kan tactisch heel belangrijk zijn. Uw opdrachtkaart geeft u bijvoorbeeld een bonus van zes punten als u erin slaagt aanwezig te zijn op vier continenten of u zou graag die zee-engte fiche willen binnenhalen? Ruilen kan uw redding betekenen. 

En zo vergaat het met de beschaving: de mensheid breidt zich uit, bouwt kampen en nederzettingen, slokt op, graaicultuurt, vecht en steelt en dit tot ze helemaal op is en er geen mannetjes meer beschikbaar zijn. Het spel eindigt ook bij uitputting van de actiekaarten, doelkaarten of permanente kaarten. Als de laatste innovatiefiche van het beloningbord – heerlijk, dat woord – is verdwenen valt het doek evenzeer.

Nadat u met grote spijt hebt vastgesteld dat het spel voorbij is telt u de punten van uw verzamelde zeestraat- en jachtfiches bij elkaar op, voegt daarbij de waarde van uw uitgespeelde doelkaarten en de kaarten die u nog op hand hebt (1 punt per kaart) en vervolledigt het plaatje met de waarde van uw verzamelde innovatiefiches a rato van 1 punt per fiche, behalve de innovatie niveau 5 fiches die u 5 punten opleveren. Ik zou de kampopwaardering niet verwaarlozen als ik van u was.

Origin, zo ervoer ik al snel, is een bordspel ‘right up my alley‘, zoals de Engelsen dat zo mooi zeggen. Mijn gezellige alley wordt gekenmerkt door snelheid, schoonheid, overzichtelijkheid, functionaliteit, spanning, profitariaat, blokkades, een snuifje geluk en een occasionele vechtpartij. Die eigenschappen zijn allemaal aanwezig in Origin, waardoor dit spel erg hoog op mijn wenslijst is komen te staan.

Tevens wordt mij hier de illusie geboden dat ik het ontstaan van de mensheid kan beïnvloeden en dat het resultaat van die beïnvloeding zich in de verste verten niet verhoudt tot de abominabele toestand waarin onze beschaving – excusez le mot – zich momenteel bevindt.

Voorwaar een mooie gedachte.

Nu nog op zoek naar een geschikte kerstboom.

Dominique

 

Origin

Matagot, 2013

Andrea Mainini

2 tot 4 spelers vanaf 9 jaar

45 minuten

 

Met dank aan Tine, Audrey en Jan van Asmodee en het deskundige Asmodee demoteam.

 

Qualiteit!

In Quantum, een dobbel- en bordspel voor 2 tot 4 spelers, bent u een commandant van een sterrenvloot. U maakt deel uit van een factie die met drie andere strijdt om een stukje heelal. Uw vloot bestaat onder andere uit wendbare maar kwetsbare jagers en logge maar defensief sterke en zwaar bewapende slagschepen. En alles wat zich daar zo al tussen bevindt. Transportschepen bijvoorbeeld, waarmee u uw jagers over grote afstanden kunt verplaatsen.

Uw ruimtevloot dobbelt u bij aanvang bij elkaar en daarmee moet u het dan maar doen. Gelukkig heeft elk schip een speciale eigenschap waardoor ze elk op hun eigen manier weer interessant worden. Het slim gebruiken daarvan vormt een essentieel onderdeel van uw briljant strategisch plan.

Vechten is een essentieel onderdeel van het spel, maar met vechten alleen gaat u nooit winnen. Daarvoor moet u het kostbare Quantum ontginnen. Dat hebt u trouwens ook nodig om uw vloot uit te breiden, speciale acties te kunnen doen of een onverwacht manoeuvre uit te voeren.

De prachtige dobbelstenen die de doos van Quantum herbergt worden tot in het extreme gebruikt: als ruimteschepen, als tellers voor uw dominantie en uw departement onderzoek en ontwikkeling, als gevechtsmodificatoren, als omvormers en als basis voor uw Quantumontginning.

Drie actiepunten hebt u tijdens uw beurt en u kunt kiezen uit het inbrengen van ruimteschepen, ruimteschepen omvormen, aanvallen, onderzoek doen en Quantum ontginnen. Voor deze laatste act hebt u twee actiepunten nodig. Actiekaarten, die u door onderzoek en ontwikkeling bekomt, geven u nét dat extra om nóg leukere dingen te doen.

Als u niet van conflictspellen houdt moet u hier met een grote boog omheen. U gaat niet in uw eigen melkwegje uw eigen interessante ding kunnen doen. En gaat u niet in de aanval doen uw tegenspelers dat wel.

De overwinningsvoorwaarde is dat u als eerste uw quantumblokjes op het door planetentegels samengestelde spelbord krijgt. Het aantal wordt bepaald door het aantal spelers. Niet elke planeet heeft evenveel plaats voor die blokjes en elke planeet kan maar één blokje van een speler aan, dus enige planning strekt tot aanbeveling. Blokjes plaatst u door twee actiepunten te spenderen op het moment dat uw ruimteschepen (dobbelstenen) in de orbitvelden samen de waarde van die planeet aangeven. Die planeetwaarden gaan van 7 tot 10, u hebt dus altijd minstens 2 dobbelstenen nodig om die waardevolle actie te kunnen doen.

Cool, het is een woord dat ik altijd weer associeer met de muziek van Steely Dan. Van zodra een plaat van deze fantastische groep de naald raakt besef ik altijd weer hoe armzalig het met de huidige muziekindustrie gesteld is. Coolheid zou ik vanaf nu ook wel eens kunnen beginnen te associëren met het bordspel Quantum. Wat u voor u op tafel hebt liggen is immers van een tijdloze, extreem gestroomlijnde, strakke schoonheid. De dobbelstenen, de spelersborden, de actiekaarten, de planeten, alles ademt liefde voor design uit. En dat allemaal zonder dat het spel aan functionaliteit inboet.

Schreef ik in mijn inleiding dat u met vechten alleen het spel niet gaat winnen? Ik neem dat terug want eergisteravond was ik getuige (en slachtoffer) van het tegendeel. Een overwinning enkel en alleen gebaseerd op brute kracht. Zo kan het dus ook, wat mijn appreciatie voor dit spel alleen maar groter maakt.

Samengevat: Quantum is een bloedmooi spel met een strakke en erg coole vormgeving, vol interactie, met een veelheid aan mogelijkheden en een gegarandeerde spanningsboog tot op het einde (die zelfs tijdens het eindspel nóg een beetje aantrekt) dat met z’n vieren op een uurtje te spelen valt. Daar durft een mens zijn keukentafel al eens voor leegmaken.

Aanrader!

Dominique

 

Quantum

Funforge (2013)

Eric Zimmerman

2 tot 4 spelers vanaf 8 jaar

30 minuten

 

Zijdezacht open deckbuilden

In Kashgar: Händler der Seidenstraße, een spel voor 2 tot 4 spelers, transformeert u (voor de zoveelste keer) in een handelaar die jongleert met specerijen die via de zijderoute vanuit Azië naar Europa worden getransporteerd.

Dat jongleren doet u uiteraard om het meeste centjes te vergaren om van daaruit dan weer de wisselbeker ‘handelaar van het jaar’ binnen te halen, die wordt uitgereikt aan de speler die op het einde de meeste overwinningspunten heeft binnengehaald. Die verzamelt u door handelscontracten te vervullen en helpers aan uw karavanen toe te voegen.

Zoals u al hebt begrepen doet u het vuile werk niet alleen. Minstens drie karavanen staan u bij in de bordkartonnen strijd. De leden daarvan hebben belangrijke vaardigheden die u tijdens uw beurt kunt inzetten. Deze vaardigheden hebben onder andere betrekking op de deelgebieden goudbeheer, specerijenvoorraad en – last but not least – uw kudde muilezels.

KHDS, beste medespeler, is een van de beste spellen die ik de laatste tijd heb gespeeld. Dat komt omdat het voldoet aan een aantal persoonlijke spelcriteria die mij erg na aan het hart liggen, als daar zijn:

Het eenvoudige regelwerk. De basisprincipes van het spel zijn simpel, snel geleerd en, nog veel beter, snel geassimileerd. Toch een ietsiepietse puntenaftrek voor de formulering over het eindspel. Eindigt het spel op het moment dat een speler 25 punten heeft verdiend door het vervullen van contracten of worden voor het behalen van deze 25 punten ook de karavaanleden meegerekend? Weet u het antwoord hoor ik het graag.

Het prachtige spelmateriaal en de functionaliteit ervan. Van de grote en prachtig geïllustreerde kaarten tot de individuele spelersbordjes tot de houten specerij- goud- en muilezeltellers. Het is allemaal perfect vormgegeven en het ligt lekker in de hand.

Het spelmechanisme. In het propagandapraatje werd voortdurend geschermd met de term open deckbuilden en hoe leuk dat dan wel niet allemaal is. Ik hou niet zo van propagandapraatjes met nieuwe terminologie, maar over één ding had de persmap wel gelijk: open deckbuilden is erg leuk!

De speelduur. Met z’n vieren doet u er niet langer dan een uurtje over.

Het zware gateway kaliber. Dit is een starterspel om u tegen te zeggen. Leg dit op tafel met beginnende spelers en ze zijn verkocht.

De meerdere wegen naar de overwinning. Het zijn er niet echt veel, maar ze zijn er wel. Laat u niet misleiden door commentaren op BGG van met grote pruillippen gezegende klagers die het gebrek aan helpers voor het vervullen van contracten aan de kaak stellen. Zij dwalen. Gebruik uw patriarch – of nog beter, maak er een matriarch van – en voeg helpers met hoge puntenwaarden aan uw karavanen toe. Of laat enkele boeren op de trekstapel van de contracten los. U gaat aangenaam verrast zijn over de alternatieve wegen naar uw overwinning.

De afscheidsactie. Handig in het rood aangegeven op uw karakterkaarten verplichten ze u ertoe het geactiveerde karakter uit het spel te verwijderen. Niet leuk, hoor ik u al denken. Wel leuk zeg ik want het zorgt ervoor dat uw karavanen niet te lang worden. Lange karavanen zijn niet handig omdat u dan te lang moet wachten tot uw zorgvuldig geselecteerde helpers weer aan de beurt komen.

De Geslachtsverandering. In dit spel kunt u zomaar van geslacht veranderen, zonder uitgebreid psychologisch en sociaal-emotioneel onderzoek. De Genderstichting gaat hier ongetwijfeld van gruwen maar dat zal ons een zorg zijn. De geslachtsveranderingen – van patriarch naar matriarch en, ja hoor, weer terug – vliegen u in KHDS om de oren dat het een lieve lust is. Het is zelfs een van de belangrijkste acties in het spel.

De keuzemogelijkheden. Drie karavanen – u kunt nog uitbreiden – met allemaal helpers op een rij waarvan u er tijdens uw beurt maar eentje kunt activeren. En dikwijls biedt hetzelfde karakter u nog een extra keuzemogelijkheid aan. Leuk. Daarbovenop moet u goed uitkienen welke karavaan u activeert zodat u interessante combo’s op elkaar kunt laten aansluiten. En als u helpers aan uw karavaan wil toevoegen hebt u meestal ook al keuze uit minstens twee sollicitanten.

Het motortje en de timing. Voortgaande op de vorige alinea is het u al duidelijk geworden dat u de helpers in uw karavaan moet motiveren tot intensief samenwerken. Ik garandeer u een intens geluksgevoel op het moment dat  u beseft dat uw motortje niet meer pruttelt maar tevreden snort. Zoals u eerder al las valt het aan te raden uw karavanen zo kort mogelijk te houden, dan kunt u de leden ervan sneller en frequenter activeren.

Het hoge ‘nog eens’ gehalte. U gaat nog eens willen spelen na afloop. En mogelijk daarna nog eens. Meer zelfs, KHDS spelen zou wel eens een avondvullende activiteit kunnen worden.

De bijzondere kaarten. In dit relatief kleine stapeltje vindt u helpers met net dat ietsje meer panache. Aarzel niet in dit stapeltje te gaan ronselen.

De extra kaarten. Ik geef u één advies: schud bij uw eerste spel deze kaarten in de standaardstapel. De helpers in dit stapeltje zorgen er immers voor dat er wat meer interactie in het spel komt. Zo hou ik zelf zielsveel van de bedelaar, vooral als mijn tegenspelers zelf tegen de armoe aan liggen te schurken.

De dorpsschoonste. Deze kaart behoeft geen verdere uitleg. Het is geen Miss Canada, maar toch.

De uitbreidingsgevoeligheid. Ik heb het meestal niet zo op met uitbreidingen, maar hier ben ik toch wel benieuwd naar wat er mogelijk nog uit een hoge hoed kan worden getoverd. En komt ze niet dan komt ze maar niet, die uitbreiding. De basisdoos biedt meer dan voldoende speelplezier.

Het spelersaantal. Maakt niet uit of u met z’n tweeën, drieën of vieren speelt, u hebt altijd plezier. Met z’n tweeën wordt dit zelfs een tactisch steekspel op het scherp van de snee.

De prijs. 20 euro op Spiel, dat is tegenwoordig een aalmoes in de spellenwereld. En daar krijgt u veel spel voor terug, veel meer dan bepaalde dozen waarvoor u tussen de 40 en 60 euro hebt neergeteld.

Een Nederlandse uitgever die nog een gateway klepper zoekt zou ik aanraden snel toe te slaan. Voor spelers die niet zo thuis zijn in geschreven Duits is dit spel immers quasi onspeelbaar. Daar moet dringend aan verholpen worden. Het zou bijna een misdaad tegen de menselijkheid zijn indien het Nederlands taalgebied deze topper zou worden ontzegd.

En dáárover zou ik dan de VN gerust eens willen aanspreken.

 

Dominique

 

Kashgar: Händler der Seidenstraße

Kosmos (2013)

Gerhard Hecht

2 tot 4 spelers vanaf 12 jaar

45 minuten

 

Expeditielijder

In Expedition: Northwest Passage, een bordspel voor 2 tot 4 spelers, kruipt u in de huid van een expeditieleider in de tweede helft van de negentiende eeuw die deelneemt aan de zoektocht naar John Franklin. De man verdween immers spoorloos tijdens het in kaart brengen van de titel van dit spel.

Dat zoeken is geen sinecure. U krijgt af te rekenen met extreme koude, dichtvriezende zee-engtes, onwillige sledehonden, een morrende bemanning, tijdsgebrek – u moet echt wel voor het avondeten weer in Groenland aanmeren – en wintertenen.

Aangezien u niet de enige zoeker bent en u het nastreven van prestige een niet te verwaarlozen levensopdracht vindt zult u er alles aan doen om uw doel te bereiken, en doet u dat niet hebt u zich voorgenomen af te gaan in stijl: met de meeste overwinningspunten.

Gisteren, tijdens een weer erg gezellige avond bij spelclub De Rode Hazen – u vindt ze in het Radiomuseum te Haasrode, een voorwaar prachtige locatie met antieke radiotoestellen en jukeboxen als ornamenten en een bar en propere toiletten binnen springafstand – kreeg ik de kans dit interessante spel te spelen.

Ik werd niet teleurgesteld.

Tijdens uw beurt kunt u met uw 8 bemanningsleden acties uitvoeren. Slechts één actie mag u doen, tenzij u zwaar betaalt voor meerdere. Tegels trekken bijvoorbeeld waarmee u water en ijseilanden aanlegt, al dan niet voorzien van voordeeltjes als ontmoetingen met Inuit, zee-engtes die u in kaart kunt brengen, een achtergelaten kano en steenhopen (markeringen aangebracht door Inuit). Verzamelt u de fiches die deze voordeeltjes weergeven scoort u onmiddellijk punten en mogelijk ook bij de eindtelling. U kunt uw bemanning ook inzetten om oninteressante tegels in de uitlage te wisselen, of uw schip of slee voort te bewegen.

U moet erg goed opletten hoe de zon staat. Zij beweegt als rondeteller over het bord en bepaalt welke waterwegen al dan niet dichtvriezen, waardoor u uw slee wel van stal móét halen. Het bepalen wanneer en waar u de overstap naar de slee maakt en wanneer u weer de gezellige warmte van het schip uitzoekt is een belangrijk onderdeel van het spel. Breekt de zon door als u vrolijk aan het sleeën bent gaat uw personeel immers genadeloos – u bent ze kwijt voor de rest van het spel – de dieperik in.

U verdient verder nog punten door het doelveld te bereiken en veilig terug te keren naar het thuisveld (al is geen van de twee vereist, maar u incasseert wel strafpunten indien u niet op tijd voor het eten thuis bent). Ook het voltooien van eilanden leveren u extra punten op, afhankelijk van de grootte.

Het spel is afgelopen van zodra de tiende ronde is afgewerkt of alle expedities veilig zijn weergekeerd naar Groenland.

Bovenop uw tijdens het spel verzamelde punten krijgt u nog bonuspunten voor exploratiefiches en ontdekkingsfiches (setjes en meerderheden). U wordt ook gestraft als u het avondeten niet hebt gehaald: 2 punten per schip en slee + 2 punten voor de bemanningsleden die zich daarop bevinden. Een volledig verlaten schip spietst u nog 2 extra strafpunten in uw maag. U begrijpt dat mensen en spullen achterlaten op ijs- en waterwegen niet echt aan te raden is.

Wij speelden anderhalf uur, maar geoefende spelers doen dit in een klein uurtje. Een geoefend worden zult u want u gaat dit regelmatig op tafel leggen. Dat komt door de fantastische thematische omzetting, de schoonheid van uitvoering, de mooi in elkaar klikkende spelmechanismen, de functionaliteit van de spelonderdelen, de spanning, het gemorrel met de beurtvolgorde, het originele vries- en dooimechanisme, de interactie (dit spel heeft een erg leuke semicoöperatieve flow) en, last but not least, het speelplezier.

Een expeditie naar uw favoriete spellenwinkel waard, me dunkt.

Dominique

 

Expedition: Northwest Pasasage

Asmodee / Matagot (2010, 2013)

2 tot 4 spelers vanaf 13 jaar

45 minuten

 

Hou jij mijn tashie effe vast, want die gozer wil met me vechten.

Abstracte spellen, ik moet er niet van hebben. Niet dat ik niet begrijp dat er mensen zijn die er tonnen plezier uit halen, maar bij mij slaat de vonk nooit over.

Tash-Kalar: Arena of Legends daarentegen, die zijn abstracte fundamenten verre van verloochent, heeft me dan weer wel vol geraakt. Mogelijk in een soft spot die mij tot nu onbekend was.

Geef toe, met fiches een patroon vormen op een in vakjes verdeeld spelbord, met de bedoeling nog meer fiches op het bord te krijgen waarmee je dan weer de fiches van je tegenstander(s) kunt slaan, het klinkt niet echt opwindend. Het klinkt zelfs saai.

Wat doet mij dan zo genieten van dit spel?

Aan het spelbord(je) ligt het niet. Ik heb, zowel kwalitatief als visueel, al veel mooiere en betere exemplaren gezien. Wat het wel heeft is het voordeel van de duidelijkheid. U ziet in een oogopslag hoe u en uw tegenspeler(s) er voor staan.

Aan de fiches ligt het ook niet. Ik heb er, zowel kwalitatief als visueel, al veel mooiere en betere gezien. Wat ze wel hebben is het voordeel van de duidelijkheid. U ziet in een oogopslag welke eenheden zich waar bevinden en hoe u uw toekomstige patronen het best op het bord kunt krijgen.

Aan de kaarten ligt het ook niet. Ik heb er, zowel kwalitatief als visueel, al veel mooiere en betere gezien. Wat ze wel hebben is het voordeel van de duidelijkheid, vooral door de grote opdruk van de speciale eigenschappen. Mijn oude, vermoeide ogen zijn zó blij met dit spel. Een verademing tussen al die minikaartjes met minuscule opdruk die men tegenwoordig in onze dozen stopt.

Wat is het dan wel?

Om te beginnen is er de typische Tash-Kalar flow. Het golft echt lekker heen en weer en u mag nooit, maar dan ook nooit, opgeven vooraleer als het ware de laatste kaart gespeeld is. Ik heb er van ver zien terugkomen in dit spel, op een heel spectaculaire manier en soms ook heel sluw. Dat vond ik een aangename vaststelling.

De race voor de punten. Hoe u het ook draait of keert, u moet zo snel mogelijk werk maken van het inmaken van uw tegenstander. Wie als eerste 9 punten binnenhaalt in het duel voor 2 wint immers onmiddellijk. Dat betekent dat u een krachtmeting, als u het spel een beetje in de vingers hebt, in een half uurtje kunt afwerken. Dat vind ik erg interessant want dat opent perspectieven voor meerdere sessies na elkaar.

De balans, ondanks het gebruik van drie verschillende kaartendecks, klopt. U bent uiteraard afhankelijk van wanneer welke kaart in uw handjes opduiken, maar toch. U kunt altijd wat en wat dat is hoeft niet altijd via de zwaargewichten te gaan. Een goedgemikte common unit, zoals ze dat in het Engels zo mooi zeggen, kan op het juiste moment wonderen doen. Wilt u de balans zo perfect mogelijk in evenwicht houden kunt u in een duel ervoor kiezen om met de keizerlijke scholen te spelen, tweelingdeckjes zijn dat. Kunt u écht nagaan wie nu de sterkste is.

De opdrachten. Deze kruiden het gerecht lekker op en geven u nog extra punten, los van de gevechten die u levert. Groene velden bezetten bijvoorbeeld, of wezens oproepen op groene velden. Of met uw eenheden in gesloten slagorde twee zijden van de arena met elkaar verbinden.

De speelmodi, vier in totaal, als daar zijn:

High Form, waarbij u zowel moet vechten als opdrachten vervullen als legendarische wezens in de arena moet zien te krijgen.

Deathmatch, zonder opdrachten, maar wel punten voor het uitschakelen van vijandelijke eenheden en het oproepen van legendarische wezens.

Deathmatch Melee, voor drie of vier spelers waarbij u punten scoort voor het decimeren van vijandelijke eenheden, rekening houdend met het feit alleen uw laagste score in een bepaalde kleur telt.

En tenslotte Teamplay, waarbij u een high form of deathmatch twee tegen twee speelt.

Dat zijn toch allemaal leuke dingen voor deze spelende mens.

Er is ook puntenaftrek hoor, voor de gebrekkige inlay en de afwezigheid van ziplockjes. Dat had beter gekund voor 35 euro.

Maar deze kleine onvolkomenheden kunnen de pret niet drukken.

Tash-Kalar: Arena of Legends is geen legendarisch spel, maar het is wel heel prettig toeven op dit met bloed doordrenkte zaagsel.

Met brio geslaagd.

 

Dominique

Tash-Kalar: Arena of Legends

Czech Games Petitiën / Z Man Games (2013)

Vlaada Chvátil

2 tot 4 spelers vanaf 8 jaar

30 minuten

 

Uw redding: een demonische lift..

Er zijn van die spellen die zo belachelijk zijn dat u zich afvraagt: waar halen ze het in godsnaam vandaan?

Spank the Monkey is er zo eentje. Dit erg leuke spel werd beroemd en berucht omwille van de naamkeuze die, tot grote verbazing van de Zweedse makers, niet ‘sla de aap’ betekent, maar wel – ik moet nu even voorzichtig zijn, er lezen misschien kinderen mee – ‘bejegen het mannelijk geslachtsorgaan op zodanige wijze dat het resulteert in een fysiek genotsgevoel ’.

Vandaar de ietwat veiliger titel van dit ‘Spank the Monkey’ broertje: Primate Fear.

In tegenstelling tot Spank the Monkey, waar u achter de aap aanging, zit de aap nu achter u aan. Nadat hij zich opnieuw bijeen heeft geassembleerd tenminste, want hij ligt in onderdelen begraven onder de stortplaats, uw professionele biotoop. De makers noemen hem dan ook heel toepasselijk Frankenmonkey.

Net als in Spank the Monkey moet u met de 120 aangeleverde kaarten een toren bouwen van afval. Een toren waarop u klimt om uit de grijpgrage klauwen van Frankenmonkey te blijven. Ondertussen probeert u de torens waarop uw tegenspelers zitten zo laag mogelijk te houden. Dan krijgt Frankenmonkey hen eerst te pakken en stijgen uw kansen op de overwinning.

Frankenmonkey regenereert zich als er kaarten met een regenereersymbool worden uitgespeeld en van zodra hij alle onderdelen weer heeft ingepast komt hij achter u aan, langzaam maar wel heel zeker.

Tijdens uw beurt bouwt u dus aan uw toren en probeert u tezelfdertijd uw tegenstanders richting Frankenmonkey te sturen. U mag uw toren verhogen met 1 afvalkaart en 1 versterkingskaart. De prachtig geïllustreerde kaarten werden lekker thematisch gehouden. Wat bijvoorbeeld te denken van een stapel horrorfilms, een bezeten lijkwagenwrak, een voodootroon, lijkzakken, een beenderaltaar, een demonische lift, een kwaadaardige mannequinpop en een kerkhofpoort?

Aanvalskaarten – u mag er tijdens uw beurt zoveel spelen als u wil – laten u toe de torens van uw tegenstander af te breken, afhankelijk van waar u zich op uw eigen toren bevindt. Met een handaanval kunt u alleen actie ondernemen op dezelfde hoogte als waar u zit, met gooikaarten kunt u eender welk onderdeel van een toren van uw tegenstander uitschakelen en met een verrassingsaanval kunt u nog veel leukere dingen doen. Zo kunt u met een slijmerige gigantische tentakel een torenonderdeel bij een tegenstander stelen.

Uw tegenstander laat zich echter niet zomaar oprollen, hij heeft verdedigingskaarten waarmee hij kan proberen uw aanval af te slaan. Een speciale dobbelsteen beslist uiteindelijk hoe het conflict afloopt. Erg leuk is de potentiële kettingreactie die een aanval kan uitlokken, waarbij meerdere onderdelen als een kaartenhuis in elkaar storten. Het verdient dan ook aanbeveling dat u de zwaarste afvalonderdelen onderaan bouwt.

Het spel eindigt als u als enige overleeft of, als u de Zweedse huisregels toepast, op level 25 van het spelbord geraakt. Frankenmonkey wint als de trekstapel leeg is of als hij tegelijkertijd de overgebleven spelers het hoekje om helpt.  

Spank the Monkey is een mijner favoriete kaartspellen – nummer 179 in mijn persoonlijke top 2000 -, zeker met de uitbreiding. Primate Fear wijkt in beperkte mate af van het basisprincipe van Spank the Monkey, maar toch net genoeg om een apart soort spelplezier te creëren.

Veel en prachtig geïllustreerde kaarten, heel veel interactie en humor, een origineel thema en een stijgende spanning naarmate Frankenmonkey zichzelf regenereert en uw toren op probeert te klimmen. Deze eigenschappen op zich staan al garant voor een geslaagde speelavond. Dat de kaarten ook nog eens perfect combineerbaar zijn met Spank the Monkey is al helemaal een meevaller. Daarbovenop zit het kwalitatief hoogstaande spelmateriaal in een erg toepasselijke doos, in de vorm van een doodskist. Iets voor uw Halloween thema-spelavond van volgend jaar misschien?

Houdt u echter niet van spellen waarin u voortijdig het strijdperk moet verlaten loopt u beter een speeltafeltje om. Doe wel oordopjes in want het geschreeuw, gelach en gejoel aan de Primate Fear speeltafel zou u wel eens kunnen gaan irriteren terwijl u met Amerigo bezigt bent.

Dominique

 

Primate Fear

Gigantoskop, 2013

Peter Hansson

2 tot 6 spelers (geen leeftijdsgrens aangegeven)

45 minuten